No. 156 Politieke avond in De Lege Knip — De Stem die Wankelt


Het was een gure herfstavond, de regen tikte ritmisch tegen de verweerde schoolramen van De Lege Knip. Buiten gleden fietslampen als vuurvliegjes door de schemer, binnen hing een warme gloed van kringlooplampen die elk hun eigen verleden leken te dragen. De lucht rook naar koffie, oud papier en een vleugje vochtige jassen — die geur van samenkomst die alleen in dit soort gemeenschappen bestaat.

De oude schoolvloer kraakte zacht onder ieders passen, alsof het gebouw zelf luisterde naar wat er die avond gezegd zou worden. Aan de muren hingen vergeelde verkiezingsposters uit vervlogen tijden — Fortuyn, Den Uyl, Van Mierlo — overlevers van idealen die ooit nieuw waren. En daar, midden in de ruimte, stonden de stoelen in een ruime kring, zoals altijd bij De Knip: geen tafels, geen afstand, alleen mensen die elkaar in de ogen konden kijken.

Op het krijtbord had Trees met haar karakteristieke zwierige handschrift geschreven:

“De Verkiezing van de Verwarring — Waar staat Nederland nog voor?”

De woorden stonden als een soort moreel vraagteken in de ruimte, omcirkeld door vegen van wit krijt, alsof zelfs het bord had getwijfeld aan het antwoord. De letters glansden vaag in het licht van een oude schemerlamp die iemand ooit uit een dokterspraktijk had gebracht.

Op een tafel naast het bord stonden drie thermoskannen — koffie, thee en iets dat onmiskenbaar naar kaneel rook — en daarnaast een schaal met stroopwafels, deels nog in de verpakking. Iemand had er een handgeschreven kaartje bij gelegd: “Voor bij de discussie, niet voor erna.”

Buiten blies de wind door de afwaterpijp, een lage brom die af en toe samenviel met het gezoem van de oude koelkast. De klok boven de deur tikte traag richting half acht.

Langzaam druppelden de eerste bezoekers binnen. Ze schudden hun jassen uit, klopten regen van hun mouwen en groetten elkaar op die manier die tegelijk alledaags en vertrouwd was — een mengeling van “we zien elkaar elke week” en “vanavond wordt het anders”. Want dit was niet zomaar een kringloopavond. Dit was politiek.

En in De Lege Knip, waar spullen een tweede kans kregen, gold dat misschien ook voor meningen.

De thermoskannen met koffie en thee dampten al. Er lagen stroopwafels op een schaal, en Jannus had zelfs een stapel verkiezingsfolders bij de ingang gelegd — van alle partijen. “Gelijkheid begint bij de deur,” had hij grijnzend gezegd.

Rond half acht druppelden de eerste gasten binnen. Niet zomaar bezoekers dit keer, maar mensen die normaal gesproken hoog boven het dorpsleven zweefden — en nu ineens, in deze kringloopzaal, op dezelfde houten stoelen zouden plaatsnemen als ieder ander.

De Verkiezing van de Verwarring – De lege stoelen

De stoelen stonden in een ruime kring. Eén stoel stond nét iets verder naar achteren, met een klein naamkaartje op de zitting: “G. Wilders (PVV)”.

Trees had die stoel er expres bijgezet, “voor het principe,” had ze gezegd. “Iedereen is welkom, ook wie zelden ergens durft te komen.”

Ernaast stond nog een lege stoel, met een tweede naamkaartje: “Frans (GroenLinks–PvdA)”.
Hij had die ochtend nog gebeld — met excuses. “Er is fractieoverleg,” had hij gezegd. Trees had het niet erg gevonden. “Zolang hij het zelf zegt,” had ze geantwoord. Maar ze had de stoel toch laten staan.

“Het is mooi in balans zo,” grapte Henrie toen hij binnenkwam. “Rechts te laat, links te druk. En wij hier in het midden maar proberen te begrijpen wat er misgaat.”

De opkomst was verder goed. Dylan van de VVD was er, strak maar vriendelijk; Rob van het CDA, bedachtzaam en met stevige handdruk; Eddy van NSC, nuchter en een tikje nerveus. Carolijn van BBB kwam met een map vol notities en een thermosfles muntwater.

Toen iedereen zat, wees Trees even naar de twee lege stoelen. “Ze konden er allebei niet zijn,” zei ze zacht. “Maar laten we niet doen alsof ze er niet bij horen.”

Er viel een lichte stilte, waarin het tikken van de regen hoorbaar werd tegen het raam.

Dylan glimlachte dun. “Het zegt eigenlijk alles over de tijd,” zei hij. “We praten óver elkaar, maar niet mét elkaar.”

Rob knikte. “Ja. De stoel van Wilders staat voor angst, misschien. En die van Frans voor drukte. Twee redenen waarom we elkaar niet meer zien.”

Henrie stak zijn hand op. “Of voor gemak,” zei hij. “De een kan zich de luxe permitteren om niet te komen, de ander de drukte om niet te hoeven luisteren.”

Eddy zuchtte. “Ik vind het vooral triest. Dat we met z’n allen in een kring zitten in een oud schoolgebouw, zonder beveiliging, zonder camera’s — en dat juist zij, die namens ons spreken, hier niet durven of kunnen zijn.”

Carolijn keek naar het bord waarop met krijt stond geschreven: “De Verkiezing van de Verwarring – Waar staat Nederland nog voor?”
“Misschien,” zei ze peinzend, “is die verwarring niet alleen van kiezers. Misschien zijn politici zelf net zo verdwaald. Geert in zijn woede, Frans in zijn overleg. En wij… hier, in het midden van het land, met de koffie van Trees.”

Er klonk een kort, schor lachje.

Trees schonk de kopjes vol. “Kijk,” zei ze, “het mooie is: hier mag iedereen praten. Zelfs wie er niet is. Dat noem ik pas vrijheid van meningsuiting.”

Ze ging zitten, keek naar de twee lege stoelen en voegde er zacht aan toe:
“En soms zeggen lege stoelen meer dan volle.”

Er viel een stilte die niet ongemakkelijk was, maar vol betekenis.
Buiten hield de regen op. Binnen werd het gesprek pas echt warm.

Trees tikte met haar theelepel tegen haar mok. “Welkom allemaal,” zei ze met een mengeling van trots en lichte spanning. “Vanavond geen debat, geen televisiecamera’s, geen applausmeters. Alleen een kring, een vraag, en hopelijk een beetje eerlijkheid.”

Er viel een korte stilte. Buiten sloeg de wind tegen het raam, alsof ook hij een mening had.

Henrie beet als eerste het spits af. “Weet je wat het is,” zei hij, “we hebben allemaal de Kieswijzer gedaan. En iedereen komt op iets anders uit dan waar hij dacht. Alsof Nederland zelf een beetje van richting is veranderd.”

Rob leunde naar voren. “Misschien komt dat omdat mensen niet meer weten waar ze zich thuis voelen. We hebben teveel hokjes gemaakt. Iedereen is of boos, of bang, of gewoon moe van politiek.”

“Of allemaal tegelijk,” voegde Dylan toe. “Maar dat betekent niet dat we het opgeven. We moeten juist blijven praten — ook hier, juist hier.”

Carolijn bladerde door haar papieren. “Ik denk dat de verwarring komt doordat idealen vloeibaar zijn geworden. Wat vroeger ‘links’ was, wordt nu ‘realistisch’ genoemd, en wat vroeger ‘rechts’ was, heet nu ‘betrokken’. We zijn allemaal elkaars woorden gaan gebruiken.”

“En ondertussen,” zei Eddy met zijn kalme stem, “vergeten we te luisteren. Iedereen roept, maar niemand hoort meer iets.”

Trees schonk de koffie bij. “Daarom zitten we hier,” zei ze. “Niet om te roepen, maar om te horen.”

De kring werd stiller. Je kon bijna het tikken van de regen horen op het dak.

“Er wordt vaak gezegd,” ging Dylan verder, “dat mensen als Geert Wilders niet meer op openbare bijeenkomsten durven te komen vanwege dreiging. Dat is tragisch, hoe je het ook wendt of keert. Maar tegelijk: waar kunnen we dan nog wél met elkaar spreken, zonder angst of filter?”

“Misschien,” zei Henrie langzaam, “in plekken als deze.”

Een glimlach ging rond de kring. De Lege Knip, ooit een afgedankt schoolgebouw vol tweedehands spullen, leek op dat moment iets heiligs te hebben.

Rob knikte. “Politiek is te belangrijk om alleen aan Den Haag over te laten. De echte gesprekken gebeuren in buurthuizen, cafés, kringloopwinkels — waar mensen niet met een camera praten, maar met elkaar.”

Eddy pakte zijn mok en keek even naar het krijtbord. “De Verkiezing van de Verwarring,” zei hij zacht. “Misschien is dat precies waar hoop begint: in het besef dat niemand het meer zeker weet.”

Trees glimlachte. “Dat is mooi gezegd. Misschien moeten we dat op het bord laten staan tot na de verkiezingen.”

De avond ging verder met vragen, meningen, en een enkele felle botsing. Maar telkens, na elk verschil, was er weer koffie, een lach, of een stilte waarin iemand nadacht in plaats van antwoordde.

Toen het buiten eindelijk droog werd en de lampen in De Lege Knip gedimd werden, bleef die ene zin op het bord zichtbaar in het schemerlicht.
“De Verkiezing van de Verwarring — Waar staat Nederland nog voor?”

Misschien was dat niet het einde van het gesprek, maar juist het begin.


Ontdek meer van Mijn korte verhalen

Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.

Plaats een reactie

Ontdek meer van Mijn korte verhalen

Abonneer je nu om meer te lezen en toegang te krijgen tot het volledige archief.

Lees verder