
De tafels stonden in een kring, de stoelen waren snel bezet. Het geroezemoes klonk net wat feller dan andere donderdagavonden. Op het bord achter Jannus stond met krijt geschreven:
“Monogamie – ideaal of illusie?”
Hij keek even rond en voelde dat de spanning dik in de lucht hing.
“Goedenavond allemaal,” begon hij. “Vanavond gaat het over trouw, jaloezie en of we gelukkig worden van één partner of juist van meer. Geen makkelijke vragen, maar wel vragen van vlees en bloed.”
Een man met grijze slapen boog voorover en stak zijn hand op.
“Monogamie is een sprookje,” zei hij zonder omwegen. “Kijk om je heen – scheidingen, affaires, datingapps. Die trouwbelofte ‘tot de dood ons scheidt’ is niet meer van deze tijd. Mensen veranderen. Waarom zou je jezelf opsluiten in een relatie die niet meer werkt? Liefde moet vrijheid zijn.”
Een vrouw aan de overkant snoof hoorbaar. Haar stem trilde licht, maar haar woorden waren scherp.
“Vrijheid? Noem het maar egoïsme. Als je ooit bent bedrogen, weet je hoe diep dat snijdt. Jaloezie is geen zwakte, het is de angst dat je veiligheid kwijt raakt. Voor mij is trouw de enige manier om te kunnen ademen in een relatie. Anders leef je altijd met argwaan.”
Een jongeman, nog geen dertig, schoof onrustig heen en weer.
“Maar is jaloezie niet ook een bewijs van bezit?” wierp hij op. “Alsof je partner een object is dat je in je zak steekt. Misschien moeten we leren dat liefde niet betekent dat iemand alleen van jou mag zijn.”
Trees zat wat achterin, maar haar ogen fonkelden. Ze hief haar hand op en sprak met zachte maar dwingende stem.
“En toch,” zei ze, “als je verliefd bent, wil je wél de enige zijn. Dat zit in ons hart. Ik ben niet kerkelijk, maar die trouwbelofte heeft iets krachtigs: ze zegt dat liefde niet alleen gaat over vandaag, maar ook over morgen en overmorgen. Ze bindt je aan een toekomst.”
De man met de grijze slapen sloeg zijn armen over elkaar.
“Of ze bindt je vast in een kooi. Hoeveel mensen blijven niet samen, terwijl de liefde allang dood is? Uit angst voor eenzaamheid. Is dat dan liefde?”
Een oudere vrouw, klein en broos, stond langzaam op. Haar stem brak, maar vulde de hele kring.
“Ik ben drie jaar weduwe na drieënveertig jaar huwelijk. We hebben verschrikkelijke tijden gehad, maar ook momenten van diepe verbondenheid. Het waren juist de stormen die we samen doorstonden die ons huwelijk waarde gaven. Monogamie is geen ketting, maar een anker. Ik zou het zo weer doen.”
De stilte die volgde was zwaar en zacht tegelijk. Iemand kuchte, maar niemand durfde direct te spreken.
Jannus keek de kring rond, zijn handen gevouwen voor zich.
“Misschien is dat de kern,” zei hij langzaam. “Monogamie is geen natuurwet. Het is een keuze. Voor sommigen een veilige haven, voor anderen een gevangenis. De vraag is niet of het moet, maar of we eerlijk durven zijn over wat we verlangen – en of we de ander dat kunnen geven.”
De woorden bleven in de lucht hangen, als een echo die niet wilde verdwijnen.
Geef een reactie op sonja Reactie annuleren