
In De Lege Knip was het een drukte van jewelste, hoewel het rustig leek. Het leek wel kermis in de opbouwfase. Iedereen liep door elkaar heen en soms in de weg. Roos liep binnen van hot naar haar, haar ogen groot van paniek. “Waar zijn de koekjes?” riep ze, terwijl ze bijna over een stapel oude tijdschriften struikelde. “Ik had er net nog eentje… met chocolade!” Trees kwam langzaam tevoorschijn, “Wat moet jij met de koekjes of heb je de smaak te pakken en raak je verslaafd”. Roos verontschuldigend” “Dit is ongehoord!” riep ze plechtig. “Zonder koekjes geen koffiehoek, en zonder koffiehoek… geen Lege Knip!”
Jannus bromde vanuit de hoek, terwijl hij met moeite een oude kast naar voren sleepte. “Altijd ik! Altijd krijg ik de schuld! Maar ik zweer het, hier zitten geen koekjes in. Alleen een berg oude boeken en een vergeten paraplu.”
Zuster Justina stak met een zwaai haar dikke boek in de lucht, waardoor door de lucht vloog en bijna op Jannus viel. “In mijn boek staat geschreven: ‘Gij zult de koekjestrommel niet verstoppen.’ En iemand… heeft zich daar niet aan gehouden.”
Net op dat moment stormde de burgemeester binnen, struikelend over een stapel dozen. “O jee! Wat hoor ik, zijn de koekjes weg? Als er maar water is, anders kan ik mijn toespraak wel vergeten! Maar wat hebben jullie nu ineens met koekjes, waar gaat het over?”
Roos draaide zich in een cirkel, haar handen in de lucht. “Ze zijn verdwenen! Helemaal weg! De trommel… foetsie!”
Trees kwam langzaam dichterbij en sloeg dramatisch met haar armen over elkaar. “Zonder koekjes geen koffiehoek! En zonder koffiehoek… geen Lege Knip! Dit is een ramp van ongekende proporties!”
Zuster Justina hief opnieuw haar boek, dit keer alsof ze er een spreuk mee uitsprak. “In mijn boek staat dat wie de trommel verstopt, een groot onheil over zichzelf brengt!”
De burgemeester schudde haar hoofd, haar hoedje scheef, terwijl zij rondkeek. “Gij zult het begrijpen… ik kan geen toespraak houden met een koffietafel in crisis! Wie heeft deze chaos veroorzaakt?”
Roos hurkte, keek onder een stoel en wees plotseling met een triomfantelijke vinger. “Daar! Onder die oude poppenkast!”
Iedereen begaf zich naar de poppenkast en zag de trommel liggen, veilig en glimmend, alsof hij glimlachte om de paniek.
Jannus veegde zijn voorhoofd af en mompelde: “Zie je nou wel… altijd, ik dus niet.”
Trees zwaaide plechtig met haar vlag en riep: “Hoera! De koffiehoek is gered!”
Zuster Justina sloeg haar boek dicht en knikte streng. “En het boek kan weer gesloten worden. Einde van deze les.”
De burgemeester veegde het zweet van haar voorhoofd en stak de trommel trots in de lucht. “En nu… kan ik eindelijk mijn toespraak houden. Al had ik misschien eerst even moeten kijken waar de trommel stond!”
Roos lachte breed, pakte een koekje en iedereen in De Lege Knip voelde zich opgelucht en vrolijk.
De burgemeester stond midden in De Lege Knip, rechtop en zelfverzekerd, terwijl om haar heen kleine chaos heerste: Roos sprong over een stoel, Jannus probeerde een wankele kast recht te zetten, en Trees zwaaide met haar vlag alsof ze een orkest dirigeerde.
“Beste mensen van De Lege Knip,” begon ze plechtig, “vandaag wil ik even stilstaan bij iets bijzonders. Als ik naar jullie kijk,” zei ze, terwijl ze glimlachte naar Jannus en Trees, “dan lijkt het soms net een poppenkast. Kijk maar: iedereen heeft zijn eigen rol, iedereen beweegt op zijn eigen manier, en soms vliegt er iets onverwachts door de lucht.”
Ze wees naar Jannus, die bijna struikelde over een stapel boeken. “Hier hebben we onze Jannus. Zoals Jan Klaassen in een poppenkast, altijd druk in de weer, soms wat stuntelig, maar altijd met een hart van goud. Hij tilt de kast, hij tilt het gewicht van deze plek mee, en soms… nou ja, soms struikelt hij een beetje, net als wij allemaal.”
Daarna keek ze naar Trees, die haar vlag iets te wild zwaaide. “En hier hebben we onze Trees. Net als Katrijn die grootser beweegt dan nodig is, maar altijd duidelijk laat zien waar het om gaat. Zonder haar zouden wij misschien de richting verliezen, want zij houdt de lijnen strak en de vlag hoog.”
Ze draaide zich rond en glimlachte naar iedereen. “En dat, beste mensen, maakt de Lege Knip zo bijzonder. Net als een poppenkast, is dit een plek vol beweging, plezier, onverwachte wendingen en soms een beetje chaos. Maar het is ook een plek van samenwerking, van verbondenheid en van plezier — want zonder dat, zonder iedereen die zijn rol speelt, geen leven in de poppenkast, en geen leven in de Lege Knip.”
Roos sprong over een stoel heen en lachte, terwijl Jannus en Trees zich enigszins schaamden maar glimlachten. De burgemeester boog plechtig: “Dus laten wij lachen om de kleine ongelukjes, elkaar helpen als dingen wankelen, en vooral genieten van alles wat deze plek zo uniek maakt. Want uiteindelijk zijn wij allemaal poppen in onze eigen Lege Knip — en dat is precies zoals het hoort.”
Om haar heen viel alles op zijn plek: Jannus hield de kast recht, Trees liet de vlag rustig zakken, en Zuster Justina zette haar boek stevig op de plank. Gelach, beweging en vrolijke energie vulden de ruimte — een poppenkast van het echte leven, net als de Lege Knip zelf.
Geef een reactie op Suskeblogt Reactie annuleren