
Het was 10:00 uur ’s ochtends. De zon scheen aarzelend door de hoge ramen van De Lege Knip, maar binnen hing een sfeer van ontlading die bijna tastbaar was. Trees, Jannus, Piet, Sally en Lotte zaten rond de grote houten tafel in de koffiehoek. Harrie stond aan het hoofd, zijn aktetas naast zich. De aanhouding van Robert en De Bruin was het gesprek van de dag, maar de werkelijke schokgolf was de avond ervoor al door de familie getrokken.
Nadat Robert met dwingende toon had aangekondigd bij Lotte in te trekken, was de jonge vrouw in paniek geraakt. Het besef dat hij haar veilige plek wilde opeisen omdat hij haar huur betaalde, voelde als een strop die werd aangetrokken. Zodra de deur achter hem in het slot was gevallen en ze Harrie had ingelicht over de afspraak bij de vloeivelden, had ze met bevende vingers haar moeder gebeld.
“Mama, ik ben zo bang,” had ze huilend aan de telefoon gezegd. “Hij wil hier komen wonen, hij eist het gewoon op! Ik heb Harrie gebeld… ze gaan hem achterna. Hij heeft een afspraak met een meneer De Bruin over ‘Dossier S’. Ze willen alles laten verdwijnen, mama. Alles!”
Sally, die zelf nog maar net begon te herstellen van jarenlange onderdrukking, voelde een oerinstinct naar boven komen. Ze hoorde de doodsangst in de stem van haar dochter en wist dat ze moest handelen. “Lotte, luister naar me. Pak een paar spullen en kom naar mij. Gebruik het pad achterlangs, zorg dat niemand je ziet.”
Binnen tien minuten zag Sally haar dochter aan komen rennen over het achterterrein van de winkel. Ze stond al bij de deur, opende deze nog voordat Lotte kon kloppen en trok haar stevig tegen zich aan. De rollen waren voor even omgedraaid; de moeder die jarenlang beschermd moest worden, was nu de beschermer.
“Lieve schat, hier ben je veilig,” fluisterde Sally terwijl ze Lotte naar haar eigen kamer boven de winkel leidde. “Hier vindt hij je voorlopig niet. Blijf hier vannacht slapen. Je weet niet wat er vannacht allemaal kan gebeuren, maar wat er ook gebeurt: we zijn samen.”
Nu, zittend aan de tafel in De Lege Knip, keek Lotte met betraande ogen naar de groep. Ze had de hele nacht geen oog dichtgedaan, luisterend naar de geluiden buiten, maar de warme aanwezigheid van haar moeder had haar erdoorheen gesleept.
Piet verbrak de stilte. “Het was kantje boord, Lotte. Als jij die aantekening op die envelop niet had gezien, was dat dossier nu as geweest.”
Harrie knikte ernstig. “De politie heeft de trommel en de documenten. Robert en De Bruin zitten in afzonderlijke cellen. Ze worden op dit moment verhoord. Maar belangrijker nog: Lotte, je hoeft niet bang te zijn voor je huur. We hebben gisteravond al besloten dat De Lege Knip garant staat. Je vader heeft geen macht meer over waar jij woont of studeert.”
Sally pakte de hand van haar dochter onder de tafel vast en kneep er stevig in. De kille schaduw van Robert van der Velde was eindelijk uit hun leven aan het wegtrekken.
Terwijl de groep rond de tafel nog aan het bijkomen was van de emotionele nacht, werd de bel van de winkeldeur geluid. Het was geen klant. Inspecteur De Wit stapte naar binnen, zijn gezicht getekend door een korte nacht, maar met een vastberaden blik. Onder zijn arm klemde hij een dikke, blauwe ordner: de kopieën van Dossier S.
De inspecteur nam plaats aan het hoofd van de tafel, naast Harrie. Hij legde de map neer met een doffe klap die de aandacht van iedereen opeiste.
“Dames en heren,” begon hij, terwijl hij even naar Sally en Lotte knikte. “Het verhoor van Robert van der Velde is vannacht moeizaam verlopen; hij beroept zich op zijn zwijgrecht. Maar meneer De Bruin… die is gaan zingen als een kanarie toen hij hoorde dat we de trommel ongeschonden in handen hadden.”
Hij sloeg de map open en schoof een aantal documenten naar het midden van de tafel. “Wat we hier hebben, is de blauwdruk van jarenlange systematische diefstal en psychologische oorlogsvoering.”
De inspecteur wees naar een reeks bankafschriften. “Dit is waarom hij je ‘ziek’ en ‘labiel’ wilde houden, Sally. Op deze papieren staat jouw handtekening onder volmachten die je nooit bewust hebt gegeven. Robert heeft een schaduwimperium opgebouwd met jouw erfdeel en de panden die formeel op jouw naam stonden. Hij sluisde de huuropbrengsten weg naar rekeningen waar alleen hij en De Bruin bij konden.”
Lotte boog zich voorover, haar ogen groot van ongeloof. “Dus alles wat hij zei over ‘zorgen voor mama’ en haar ‘financiële onbekwaamheid’…”
“…was een rookgordijn,” vulde Harrie aan, terwijl hij een koopcontract bestudeerde. “Hij gebruikte haar vermogen om zijn eigen succesvolle imago te financieren, terwijl hij haar ondertussen wijsmaakte dat ze niets waard was en geen cent bezat. Het was een gevangenis van papier.”
De inspecteur keek Lotte ernstig aan. “We hebben ook de bewijzen gevonden dat hij jouw studiegeld en kamerhuur betaalde van een rekening die eigenlijk op naam van je moeder staat. Juridisch gezien, Lotte, is het geld waar hij mee dreigde nooit van hem geweest. Het is van je moeder.”
Er viel een diepe stilte in De Lege Knip. Jannus legde een hand op de schouder van Piet, die met een mengeling van woede en opluchting naar de papieren staarde. Sally zat kaarsrecht, haar ogen gefocust op de documenten. De ‘mist’ waar Harrie over had gesproken, was nu volledig opgetrokken.
“De Bruin heeft bekend dat hij de vervalsingen heeft gecoördineerd,” besloot De Wit. “Beiden blijven voorlopig vastzitten. Robert wordt beschuldigd van valsheid in geschrifte, verduistering en wederrechtelijke vrijheidsberoving.”
Harrie gaf de anderen een kort knikje en liep samen met inspecteur De Wit naar de parkeerplaats achter de kringloopwinkel. De frisse ochtendlucht deed hen beiden goed na de bedompte sfeer van de verhoorkamers en de emotionele geladenheid binnen.
Buiten, uit het zicht en gehoor van de groep, bleven ze staan bij de onopvallende wagen van de politie.
“Luister, Harrie,” begon De Wit met gedempte stem, “die documenten in de trommel zijn goud waard voor de zaak, maar we hebben een probleem. De Bruin heeft verklaard dat Robert niet alleen geld wegsluisde, maar dat hij ook diep in de schulden zit bij partijen die we liever niet in dit dossier hebben. Mensen die hun geld niet via de rechter terugvragen.”
Harrie wreef vermoeid over zijn gezicht. “Je bedoelt dat het imperium van Robert niet alleen een kaartenhuis van fraude is, maar dat er ook criminelen aan de fundamenten knagen?”
“Precies,” knikte de inspecteur. “Dat is ook de reden waarom hij zo gebrand was op dat Dossier S. Hij wilde de panden van Sally verkopen aan een stroman om die schulden af te lossen. Nu de boel bevroren is, is Robert in de cel misschien wel veiliger dan daarbuiten. Maar voor Sally en Lotte betekent dit dat we de komende tijd extra toezicht moeten houden op De Lege Knip. We weten niet wie er nog meer achter dat geld aan zit.”
Harrie keek naar de contouren van de winkel, waar Jannus en de rest nu waarschijnlijk probeerden de scherven op te pakken. “Ik zal de beveiliging opschalen zonder ze onnodig bang te maken. Maar we moeten ook kijken naar de status van de villa. Als die onderhands is bezwaard met illegale leningen, moeten we Sally’s eigendomsrecht razendsnel veiligstellen voordat andere schuldeisers beslag leggen.”
De Wit overhandigde Harrie een klein, handgeschreven briefje. “Dit is het telefoonnummer van een collega bij de FIOD die gespecialiseerd is in dit soort schijnconstructies. Bel hem vanmiddag. Hij weet dat je belt.”
Harrie stak het briefje diep in zijn zak. “Bedankt, De Wit. Dit blijft onder ons. Sally heeft al genoeg aan haar hoofd met de wetenschap dat haar man haar jarenlang heeft bestolen. De dreiging van buitenaf hou ik liever even bij mij en Jannus.”
De twee mannen schudden elkaar de hand. Harrie keek de inspecteur na terwijl deze wegreed. Hij haalde diep adem, rechtte zijn rug en zette zijn ‘advocatenmasker’ weer op. Hij moest nu terug naar binnen om de vrouwen hoop te geven, terwijl hij in zijn achterhoofd alweer de volgende verdedigingslinie aan het opbouwen was.
Harrie stapte de warme, naar koffie ruikende winkel weer binnen. Hij dwong zichzelf om te glimlachen, maar zijn ogen zochten direct die van Trees. Hij liep behoedzaam naar haar toe en legde een hand op haar arm, net ver genoeg van de rest van de groep om niet direct gehoord te worden.
“Trees,” fluisterde hij, zijn stem serieus maar beheerst. “De inspecteur heeft goed nieuws gebracht, maar ik moet nog een paar zaken proberen te regelen. Alles is nog niet volledig opgelost. Er zijn nog wat losse eindjes met de administratie van Robert.”
Hij keek even schuin naar Sally en Lotte, die voorzichtig met Jannus en Piet zaten te praten. “Laat niets merken en bouw hier maar een feestje. Ze hebben het verdiend. Je ziet wel wanneer ik terug ben. Als het laat wordt, haal ik je wel van huis af, want we slapen vannacht op het Slot.”
Trees kende Harrie inmiddels door en door. Ze zag de kleine rimpel tussen zijn wenkbrauwen die er alleen zat als de inzet hoog was. Ze begreep dat ‘het Slot’—hun eigen veilige woning—vannacht de enige plek was waar hij haar echt veilig achtte. “Oké, ik zie wel,” antwoordde ze kalm, hoewel haar hart een tel oversloeg.
Harrie draaide zich om en zwaaide de groep monter toe. “Dames, heren, ik heb nog wat juridisch papierwerk af te handelen bij het kantoor. Geniet van het moment, de grootste slag is geslagen!” Met die woorden vertrok hij, de bel van de deur liet een vrolijk maar eenzaam geluid achter.
Trees slikte haar zorgen weg, rechtte haar rug en liep met een stralende lach naar de grote tafel. Ze wist wat haar rol was: de angst buiten de deur houden.
“Nou!” riep ze uit. “Harrie regelt de laatste lettertjes, maar wij gaan dit vieren. Jannus, staat die taart die je vanmorgen hebt gehaald nog in de koeling? En Piet, zet die radio van je eens op een vrolijke zender!”
Jannus begreep de hint direct. Hoewel hij de blik van Harrie ook had gezien, wist hij dat Sally en Lotte nu eerst ademruimte nodig hadden. Hij dook de keuken in en kwam even later terug met een grote slagroomtaart.
Terwijl de muziek van de radio zachtjes door de kringloopwinkel klonk, ontstond er een zeldzaam moment van saamhorigheid.
Sally leunde voor het eerst in jaren ontspannen achterover in een oude fauteuil.
Lotte zat naast haar en begon voorzichtig te lachen om een van de droge grappen van Piet over de ‘vangkunsten’ van de politie.
Piet was druk in de weer met het inschenken van limonade en koffie, terwijl hij ondertussen de deur van de winkel op ‘gesloten’ liet staan.
Trees observeerde het tafereel terwijl ze de taart aansneed. Ze zag hoe de kleur langzaam terugkeerde op de wangen van Sally. Ondanks de geheime waarschuwing van Harrie, voelde ze dat er iets fundamenteels was veranderd. De kettingen waren gebroken.
- Zodra Harrie in de auto zit, belt hij eerst met het nummer van de FIOD “Met van Dooren” Harrie stelt zich
- meteen voor “Met Harrie de Groot, ik bel u naar aanleiding van een afspraak betreffende rechercheur De
- Wit”. “Meneer de Groot, ik wil graag een afspraak met u maken, want ik denk dat we een heel delicate zaak
- hebben, wanneer past het u?” Harrie kon alles opzij schuiven “wanneer het U past heb ik nu ruimte. Als u
- mij het adres geeft kom ik naar u toe”.
- Een anderhalf uur later zat Harrie op het kantoor bij de heer van Dooren.
Het kantoor van de FIOD ademde een heel andere sfeer uit dan de gezellige chaos van De Lege Knip. Hier was alles functioneel, strak en discreet. De heer Van Dooren, een man met een scherpe blik en een evenzo scherp gesneden pak, gebaarde Harrie plaats te nemen aan een sobere vergadertafel.
“Meneer De Groot,” begon Van Dooren, terwijl hij een dikke map opensloeg die al op hem lag te wachten. “De Wit gaf aan dat u nauw betrokken bent bij de slachtoffers. Ik zal er geen doekjes om winden: Robert van der Velde is niet alleen een fraudeur die zijn vrouw heeft bestolen. Hij is een spil in een veel groter web.”
Harrie leunde naar voren. “De Wit noemde al schuldeisers uit het grijze circuit. Hoe diep zit hij werkelijk?”
Van Dooren schoof een organogram over de tafel waarop de bedrijfsstructuur van Robert in kaart was gebracht. Het was een doolhof van holdings en schijnconstructies.
“Kijk hier,” wees Van Dooren. “Robert gebruikte de panden van zijn vrouw als onderpand voor leningen bij legale banken, maar toen die kraan dichtging, is hij in zee gegaan met investeringsmaatschappijen die feitelijk witwasmachines zijn voor de onderwereld. Hij heeft geld geleend tegen rentetarieven die niemand kan terugbetalen. Hij zat klem.”
“Dat verklaart waarom hij Dossier S wilde vernietigen,” zei Harrie langzaam. “Hij wilde de laatste ‘schone’ bezittingen verkopen om deze mensen tevreden te stellen.”
“Precies,” knikte Van Dooren. “Maar nu Robert vastzit, hebben deze partijen een probleem. Hun geld is weg en hun onderpand is bevroren door Justitie. Dat maakt de situatie voor de nabestaanden en de betrokkenen — uw cliënten — potentieel gevaarlijk. Ze zullen proberen te halen wat er te halen valt, ongeacht of dat juridisch klopt.”
Harrie voelde een koude rilling. “Daarom wilde De Wit dat ik u sprak. Hoe beschermen we Sally en Lotte tegen deze krachten?”
Van Dooren keek Harrie strak aan. “Wij kunnen het geldspoor bevriezen en de panden onder staatsbeheer plaatsen, zodat niemand erbij kan. Maar dat proces kost tijd. Tot die tijd moet u ervoor zorgen dat ze buiten het zicht blijven. Robert heeft de controle verloren, en in die wereld betekent dat chaos.”
Harrie voelde een lichte druk op zijn borst bij de woorden van Van Dooren. De gedachte dat “chaos” het enige was dat Robert achterliet, was een verontrustend vooruitzicht voor de broze rust die Sally en Lotte net hadden gevonden.
De twee mannen bespraken de volgende stappen:
Sally moet direct onder volledige curatele van Harrie en een onafhankelijke bewindvoerder worden geplaatst om haar juridisch onbereikbaar te maken.
De Lege Knip moet niet alleen een sociaal trefpunt zijn, maar een vesting.
Haar woning moet worden opgegeven; ze is daar te kwetsbaar.
“Nog één ding,” zei Harrie, terwijl hij zijn tas alvast dichtklapte. “U heeft het over schaduwpartijen en witwasmachines. Weet u of de naam van Roberts ex-vrouw, Sally de Jong, ergens direct in de papieren van die partijen bekend is? Of die van hun dochter?”
Van Dooren bladerde nog eens snel door de samenvatting op zijn scherm, zijn voorhoofd gefronsd. “Op dit moment zie ik haar naam alleen terug in de constructies waar Robert zelf de controle over had—de legale voorkant. Of die criminelen weten dat zij de werkelijke bron van het kapitaal is… daar moet ik u het antwoord nu schuldig op blijven.”
Hij zag de bezorgde blik in Harrie’s ogen en voegde er direct aan toe: “Ik beloof u dat ik dit met de hoogste prioriteit laat controleren door onze digitale recherche. Als haar naam op de ‘verlanglijstjes’ van deze figuren staat, moeten we dat gisteren weten, niet morgen. Ik bel u zodra we een match vinden in de geconfisqueerde administratie van Robert of De Bruin.”
(wordt vervolgd)
Geef een reactie op Rianne Reactie annuleren