Het silhouet


Omdat ik daar vorige week iemand heb zien verdwijnen.

De woorden blijven tussen hen in hangen. Zwaar. Onmiskenbaar.

De nacht, die nog maar net zijn rust leek terug te vinden, houdt opnieuw zijn adem in.

De agent die haar arm vasthoudt, voelt hoe haar lichaam trilt. Hij kijkt naar het donkere gebouw en vervolgens naar zijn collega. In die korte blik zit geen twijfel meer. Dit is geen gewone melding.

Dit is iets anders. “Vertel me precies wat je hebt gezien,” zegt hij zacht.

De vrouw haalt diep adem. Haar ogen blijven op het gebouw gericht. “Ik ben eerder in dat huis geweest.”

“Wanneer?” “Vorige week. Misschien iets langer geleden.” “Met wie?”

“Met een vriendin. Een vrouw die ik van vroeger kende. We zaten samen op school.” Ze slikt.

“Toen ik haar daar weer tegenkwam, klikte het meteen. Alsof er geen jaren tussen hadden gezeten. Ik ging steeds vaker naar haar toe.” De tweede agent luistert aandachtig. “En toen?”“Toen was ze ineens weg.”

“Weg?” “Gewoon… verdwenen.” “Had ze iets gezegd? Dat ze wilde vertrekken?”

De vrouw schudt haar hoofd. “Niemand wilde me iets vertellen.

Ik heb gevraagd waar ze was. Ik heb zelfs aan de mensen die daar werkten gevraagd of ze wisten waar ze gebleven was.” Ze kijkt naar haar handen.“Maar het was alsof ze nooit had bestaan.”

De eerste agent kijkt opnieuw naar het gebouw. Een groot, donker pand. Geen licht achter de ramen. Geen beweging. Alleen dat ene raam op de bovenverdieping. Daar had ze het silhouet gezien.

“En vorige week,” zegt hij, “zag je daar iemand?” De vrouw knikt.

“Een silhouet.” “Een man?” “Ik weet het niet.”“Een vrouw?” “Ik weet het niet.”

“Wat weet je dan wel?” Ze kijkt hem eindelijk aan. “Ik weet dat het achter dat raam stond.”

Een stilte. “En daarna?” “Verdween het.”“Hoe?” “Niet door de deur.”

De agent fronst. “Wat bedoel je?” “Het stond daar. En een paar seconden later was het weg.”

De tweede agent werpt zijn collega een blik toe.

“Je denkt dat het iets met je vriendin te maken heeft?”De vrouw antwoordt niet meteen.

Dan fluistert ze: “Ik denk dat ze daar nog steeds is.”

De agent draait zich iets naar zijn collega. “Wij gaan naar het bureau,” zegt hij.

“Maar…” “Nu.” De vrouw begrijpt aan zijn stem dat er geen discussie meer mogelijk is.

Ze lopen weg van het gebouw. Achter hen blijft de straat donker en verlaten.

Maar de drie mannen die verderop hebben gestaan, komen nu in beweging.

Ze wachten totdat de vrouw en de agenten voldoende afstand hebben genomen.

Dan steken ze de straat over. Rechtstreeks naar het gebouw.

De tweede agent kijkt over zijn schouder. Hij ziet hen. Drie mannen. Geen haast. Geen twijfel.

Alsof ze precies weten waar ze naartoe moeten. Hij blijft een fractie van een seconde staan.

“Wat is er?” vraagt zijn collega. “Niets.”

Maar zijn ogen blijven op de mannen gericht.

Op het bureau wordt de vrouw naar een kleine verhoorkamer gebracht.

Een tafel. Twee stoelen. Een glas water. Fel tl-licht. Alles lijkt hier normaal. Bijna geruststellend.

Een rechercheur komt binnen met een map.

“Uw naam?”

Ze noemt haar naam.“Adres?” Ze schudt haar hoofd. “Ik heb momenteel geen vaste woonplek.”

Hij noteert het. “En uw vriendin?” Ze noemt haar naam. De rechercheur kijkt op.

“Wanneer heeft u haar voor het laatst gezien?” “Vorige week.”

Hij schrijft verder. “En u zegt dat niemand kon vertellen waar ze was?”

“Niemand wilde het vertellen.” Dat verschil lijkt de rechercheur niet te ontgaan.

Hij legt zijn pen neer. “Wat bedoelt u met ‘niemand wilde het vertellen’?”

“Als ik ernaar vroeg, werd het stil.” “Wie werd stil?” “De mensen daar.” “Welke mensen?”

De vrouw kijkt naar hem. “Ik weet niet precies wie ze waren.”

Dat antwoord bevalt hem niet. Hij staat op en loopt naar de deur. “Blijf hier.”

Aan de andere kant van het bureau zitten de twee agenten achter een computer.

Ze zoeken de stichting op die het gebouw beheert. Bestuur. Vergunningen. Subsidies. Activiteiten.

Meldingen. Eigendom. De ene agent scrollt langzaam naar beneden. “Hier.”

Zijn collega schuift zijn stoel dichterbij. “Wat?”“De stichting bestaat officieel al jaren.”

“En?” “Maar de activiteiten zijn bijna niet terug te vinden.”

Hij klikt verder. “En kijk eens naar het bestuur.” Een lijst met namen verschijnt.

Drie bestuurders. Twee daarvan blijken nauwelijks traceerbaar.

De derde naam doet de agent verstijven. “Ken je hem?” “Nee.”

“Zoek hem eens op.”De naam verdwijnt van het scherm.

Een paar seconden later verschijnt een ander dossier. De agent leest.

Zijn gezicht verandert. “Dit kan niet.” “Wat?” “Deze man is zeven jaar geleden overleden.”

De kamer wordt stil.“Dan klopt de registratie niet.”“Dat is nog maar het begin.”

Hij opent een ander bestand. Een oude melding. Daarna nog één. En nog één.

Allemaal rond hetzelfde gebouw. Vermissing. Overlast. Een medische noodsituatie.

De kamer wordt stil. De agenten kijken elkaar aan — een blik die meer zegt dan woorden. De vrouw staat lijkbleek, haar handen om haar tas geklemd. “Dan klopt de registratie niet,” zegt de tweede agent.

De eerste agent schudt zijn hoofd. “Dat is nog maar het begin.

Hij opent een ander bestand. Een oude melding. Daarna nog één. En nog één.

Allemaal rond hetzelfde gebouw.

Vermissinggen — personen die nooit meer opdoken.

Overlast — geluiden, schimmen, nachtelijke bewegingen.

Medische noodsituatie — iemand die flauw viel, iemand die in paniek naar buiten rende.

De agenten kijken naar de vrouw. Zij kijkt naar het raam waar ze eerder dat silhouet zag. Haar stem is nauwelijks hoorbaar: “Ik zei toch… dat ik iemand heb zien verdwijnen.”

De agenten weten dat dit geen toeval meer is. Geen losse meldingen. Geen vergissing in een systeem.

Dit gebouw verbergt iets. Iets dat al jaren onder de oppervlakte ligt.


Ontdek meer van Mijn korte verhalen

Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.

Reacties op “Het silhouet”

  1. Neeltje Avatar

    Ik word wel steeds nieuwsgieriger.

    Geliked door 1 persoon

  2. Karel Avatar

    dat wordt een mooi zoekplaatje

    Geliked door 1 persoon

  3. logbankje Avatar

    Iemand zien verdwijnen is niet zomaar iets. Drie mannen in het donker, zijn ze verdacht? De gebeurtenissen rond het gebouw liggen niet goed vast. Zou het daarom kunnen dat er mensen verdwijnen? Hans

    Geliked door 1 persoon

  4. Bert Avatar
    Bert

    Dit is wel spannend ….. ik ben benieuwd naar het vervolg!

    Geliked door 1 persoon

  5. bertjens Avatar

    Geheimen. Dat wordt spannend!!

    Geliked door 1 persoon

  6. ymarleen Avatar

    Een spannend verloop … je hebt me nieuwsgierig gemaakt.

    Geliked door 1 persoon

  7. Rianne Avatar

    Allemaal hier zijn wij nieuwsgierig naar het vervolg 🤔

    Geliked door 1 persoon

  8. britt Avatar

    Spannend. Ik wacht op het vervolg

    Geliked door 1 persoon

Plaats een reactie

Ontdek meer van Mijn korte verhalen

Abonneer je nu om meer te lezen en toegang te krijgen tot het volledige archief.

Lees verder