De storm bleef uit


De voorzitter tikte met zijn hamer op het blok en de zaal verstilde direct. Alle blikken wendden zich tot de officier van justitie, die met een strak, kalm gezicht opstond.

“Edelachtbare,” begon de officier van justitie met luide, heldere stem. “Het Openbaar Ministerie onderkent het grote belang van deze nieuwe getuige en wat zij hier zojuist naar voren bracht. Echter, om de zorgvuldigheid van het proces te waarborgen én om de verdediging de gelegenheid te geven zich op deze verklaring voor te bereiden, verzoekt het Openbaar Ministerie om aanhouding van de zaak voor nader onderzoek.”

Mr. Jansen, de advocaat van Marcus de Geus, haalde zichtbaar opgelucht adem, al liet hij dat niet al te opvallend merken. Hij leunde naar voren bij zijn microfoon. “De verdediging sluit zich bij dit verzoek aan, voorzitter. Wij kunnen onze cliënten niet verdedigen tegen verklaringen van getuigen die niet in het dossier zitten en wier identiteit en achtergrond voor ons op dit moment volstrekt onbekend zijn.”

De voorzitter keek naar zijn twee mederechters. Na een kort, gefluisterd overleg boog hij zich weer naar de microfoon.

“De rechtbank wijst het verzoek tot aanhouding toe,” sprak de voorzitter beslist. “De zaak wordt aangehouden voor onbepaalde tijd, in afwachting van het aanvullende opsporingsonderzoek. Het rechercheteam onder leiding van heer Van Asperen krijgt de opdracht om de identiteit van de betreffende mevrouw formeel vast te stellen, haar verhoor af te nemen en te onderzoeken of haar verklaringen ondersteund worden door overig bewijsmateriaal. Zodra het aanvullende proces-verbaal aan het dossier is toegevoegd, zal een nieuwe zittingsdatum worden gepland.”

Met een krachtige klap van de hamer werd de zitting geschorst.

In de zaal ontstond direct veel beweging. De parketpolitie begeleidde de geëmotioneerde vrouw rustig via een zijdeur naar een afgeschermde ruimte, waar rechercheur Joris van Asperen en agent Anita de Boer al op haar stonden te wachten.

Achter de glaswand van de verdachtenbank heerste een grimmige sfeer. Marcus de Geus keek met een kille, duistere blik naar de zijdeur waar de vrouw in verdwenen was. Hij leunde naar Kornelis van Boven en fluisterde met ingehouden woede: “Hoe heeft dit kunnen gebeuren? Wie heeft haar niet goed afgeschermd?” Karim en Remco keken lijkbleek voor zich uit; zij wisten maar al te goed dat het onderzoek nu niet voorbij was, maar juist in een stroomversnelling zou raken.

Op de gang voor de zaal kwamen Brenda, Cora en agent Simon de Wit bij elkaar. Brenda trilde nog lichtjes op haar benen, maar Cora legde een geruststellende hand op haar schouder.

“Dit is de beste uitkomst die we konden wensen,” zei Simon met een lage stem tegen de twee vrouwen. “Als ze haar vandaag in de zaal hadden gehoord, had Jansen haar in de hoek kunnen drijven op vormfouten. Nu krijgt ons team de tijd om haar verhaal tot in de details uit te pluizen en vast te leggen. Dit maakt het dossier tegen De Geus alleen maar onomstotelijk.”

Cora knikte langzaam, haar blik strak gericht op de deuren van het verhoorcomplex. “Laat het onderzoek maar beginnen. De beerput is nu echt helemaal open.”

In de ruimte waar Joris en Anita stonden te wachten stonden enkel een tafel en een viertal stoelen. Bij het binnen komen van de vrouw ziet ze aan de ene kant angstig maar ook nieuwsgierig naar de twee. Joris en Anita lopen een stap richting de vrouw en steken de hand uit om kennis te maken. De vrouw neemt van beiden de hand aan en stelt zich voor als Petra Blauw. Op aanwijzing van Joris gaan ze zitten en begint Joris zijn vragen”Mevrouw Blauw, we zijn verrast dat u hier op de publieke tribune aanwezig was, Wij hebben op het bureau alles in het werk gesteld om vrouwen als u te kunnen vinden”.

Petra vertelde dat ze al een tijdje de kranten bij en heb gelezen dat de zittingen deze dag zouden starten en vandaar dat ik er bij was, want ik wilde die schurken wel zien bloeden” En die mevrouw de Graaf heb ik lang geleden ook een keer gezien in de gang waar ze opgesloten moet hebben gezeten, want wanneer ik weigerde mee te gaan, brachten ze mij daar ook altijd heen”.

Anita maakte snel een aantekening op haar schrijfblok terwijl Joris rustig vooroverboog op zijn stoel. De naam ‘De Graaf’ — de achternaam van Cora — viel meteen op de juiste plek.

“Mevrouw Blauw, Petra,” zei Joris op een kalme, meelevende toon, “wat u zojuist vertelde is cruciaal. Die opsluitruimte in de gang bij de stichting is een belangrijk onderdeel van ons dossier, maar we hadden tot nu toe te weinig directe getuigenissen van de vrouwen die daar daadwerkelijk zijn vastgehouden.”

Petra knikte langzaam. Ze klemde haar handen om de rand van de tafel, haar knokkels wit van de spanning, maar in haar ogen brandde een fel vuur. “Ze dachten dat we schaduwen waren. Dat we na de inval ergens in een hoekje zouden wegkruipen en nooit meer iets zouden durven zeggen. Karim en Remco hebben mij meermaals bedreigd. ‘Als je je bek opentrekt, vinden we je toch wel,’ zeiden ze altijd.”

“En Marcus de Geus?” vroeg Anita zacht. “Heeft u hem daar ook zelf gezien of gesproken?”

“De Geus kwam niet om het vuile werk op te knappen,” antwoordde Petra bitter. “Die kwam alleen langs om het geld te tellen en om te bepalen welke vrouwen ‘geschikt’ waren voor zijn zogenaamde investeerders. Hij keek ons niet eens aan alsof we mensen waren. Maar ik heb gehoord hoe hij opdrachten gaf aan Van Boven. Hij was de baas, geen twijfel mogelijk.”

Joris keek Anita even aan en zag de professionele focus in haar ogen. Het verhaal van Petra was onomstotelijk en sloot naadloos aan bij de verklaringen van Brenda en Cora.

“Petra,” zei Joris ernstig. “Omdat de rechter de zaak op ons verzoek heeft aangehouden, hebben we nu de tijd om uw verklaring tot in de kleinste details op te nemen. Maar dat betekent ook dat u officieel op de getuigenlijst komt te staan. We moeten er absoluut zeker van zijn dat u veilig bent. Waar verblijft u momenteel?”

Petra haalde diep adem. “Ik woon nu via een schuiladres in een andere stad, ver hiervandaan. Niemand van die bende weet waar ik zit. Maar vandaag… vandaag kón ik simpelweg niet weg blijven. Ik moest zien dat ze zich moesten verantwoorden.”

“Dat begrijpen we volkomen,” antwoordde Anita met een geruststellende glimlach. “Ik wil mogelijk morgen het officieel proces-verbaal van verhoor opstarten. Stap voor stap, op uw tempo. Maar om uw veiligheid gewaarborgd te houden moeten we eerst uw gegevens vastleggen. Hebt u hier een mogelijkheid om te kunnen overnachten?”

Petra schudde aarzelend haar hoofd. “Nee, ik ben vanochtend vroeg met de trein gekomen en was van plan om vanavond meteen weer terug te reizen naar mijn schuiladres. Maar eerlijk gezegd… de zenuwen gieren door mijn lijf. De gedachte dat Karim of Remco mij bij het station opwachten, of dat iemand van die bende mij op straat herkent, beangstigt me enorm.”

Joris van Asperen knikte begrijpelijk en leunde iets naar voren. “Dan gaan we u niet alleen laten reizen. Wij nemen geen enkel risico, zeker nu De Geus en zijn advocaten weten dat er een cruciale getuige is opgestaan.”

Hij keek kort naar Anita, die het gebaar meteen begreep.

“We gaan het als volgt regelen,” zei Joris beslist. “Onze collega’s van de ondersteuning boeken voor vannacht een kamer voor u in een van onze beveiligde politie-hotels. Geen opvallende dienstauto’s, geen adressen die aan de zaak gekoppeld kunnen worden. Morgenochtend halen Anita en sergeant Van Akker u daar op. Dan nemen we in alle rust en op uw eigen tempo het officiële verhoor af op het bureau.”

Petra haalde hoorbaar adem op. De spanning in haar schouders zakte een klein beetje weg. “Dat zou een enorme geruststelling zijn,” zei ze zacht. “Ik wil dat die mannen gestraft worden, maar ik was zo bang dat ik de stap naar buiten niet eens veilig zou halen.”

“U staat er vanaf nu niet meer alleen voor,” verzekerde Anita haar, terwijl ze de benodigde gegevens op een beveiligd formulier opnam. “We laten de parketpolitie u via de afgeschermde uitgang naar de civiele wagen brengen.”

Joris stond op, liep naar de deur en wenkte even kort naar rechercheur Sake Sakema, die buiten in de gang op de uitkijk stond. Sakema knikte begrijpend en ging meteen over tot het regelen van de beveiligde overnachting.

Ondertussen op de gang buiten de verhoorruimtes stonden Brenda en Cora nog na te praten met Simon de Wit.

“Hoe gaat het met haar?” vroeg Brenda op lage toon zodra Joris de ruimte verliet.

“Ze is aangeslagen, maar strijdbaar,” antwoordde Joris, terwijl hij het drietal tegemoet liep. “Haar aanwezigheid hier veranderde alles. Morgenochtend nemen Anita en Bart haar officiële verklaring op. Met wat zij kan verklaren over de opsluitingen en de rol van De Geus, bouwen we een dossier waar de verdediging niet meer onderuit kan. En heel misschien weet ze waar de anderen naar vertrokken zijn”

Cora keek tevreden. “De schorsing geeft ons en het rechtssysteem precies de tijd die nodig is. De Geus dacht dat hij de regie had, maar zijn kaartenhuis stort nu definitief in.”

Brenda vroeg aan Simon “maar die Piet Pieterse, de eerdere man zonder naam, daar heb ik nog niet van gehoord”  Simon leunde tegen de muur van de rechtbankgang en keek Brenda doordringend aan.

“Pieterse was op de achtergrond de drijvende kracht bij de financiële constructies én de directe dwang op straat,” verduidelijkte Simon op lage toon. “Het Openbaar Ministerie wil eerst de volledige structuur rondom de stichting en de sportschool via de getuigenissen en het aanvullende onderzoek met Petra dichttimmeren. Als dat staat, heeft Pieterse geen enkele ruimte meer om zich ergens achter te verschuilen.”

Cora knikte instemmend. “Een verstandige strategie. Hoe meer bewijs er ligt over de hele organisatie, hoe minder hij zijn eigen rol kan beweren te bagatelliseren.”

Op dat moment kwam rechercheur Joris van Asperen de gang op gelopen, vergezeld door Anita de Boer. Hij keek zijn team en de getuigen aan met een blik die zowel vermoeidheid als voldoening uitstraalde.

“Dames,” sprak Joris geruststellend, “voor vandaag zit jullie taak erop. De zitting is formeel geschorst en de parketpolitie zorgt ervoor dat Petra veilig naar een huis wordt gebracht. Wij gaan ons nu volledig richten op het verhoor van Petra Blauw voor morgenochtend.”

“Gaan jullie haar vannacht ook beveiligen?” vroeg Brenda bezorgd.

“Geen zorgen,” antwoordde Anita met een vastberaden glimlach. “Alles is in werking gesteld. Petra slaapt op een afgeschermde locatie en wordt morgen onder begeleiding naar het bureau gebracht. De verdediging mag dan wel aanhouding hebben gekregen, maar de tijd werkt vanaf nu volledig in ons voordeel.”


Ontdek meer van Mijn korte verhalen

Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.

Reactie op “De storm bleef uit”

  1. Karel Avatar

    mogge Willem
    moedig van Petra om naar voren te komen
    nu hopen dat , dat tuig geen vriendjes kunnen bereiken om haar te doen laten verdwijnen
    die beveiligingen zijn ook vaak lek als mandjes

    geniet de dag

    Like

Plaats een reactie

Ontdek meer van Mijn korte verhalen

Abonneer je nu om meer te lezen en toegang te krijgen tot het volledige archief.

Lees verder