
De laatste werkdag van het jaar in De Lege Knip was er een die nog lang in de geheugens gegrift zou staan. Het was niet zomaar een dag van sjouwen en prijzen; het was de dag waarop de hele familie – de medewerkers en de trouwe vrijwilligers – samenkwam om een bewogen jaar af te sluiten.
De winkel gonsde tot het laatste moment van de activiteit. Tot vijf uur ’s middags was het een komen en gaan van klanten die nog snel een laatste schat zochten. Achter de schermen werd er echter net zo hard gelachen als gewerkt. Dilan en Peter waren in de weer met zware kasten, hun gezichten glimmend van inspanning maar altijd met een grapje voor de klanten. Zuster Justina en Zuster Josephine vormden een rustig eiland in de chaos; met geduldige handen sorteerden ze de laatste snuisterijen, terwijl ze zachtjes overlegden over hun goede voornemens voor de kapel.
Petra en Berend zorgden voor de dynamiek op de vloer; Petra controleerde de kas met een scherp oog, terwijl Berend met een brede grijns een wankele schemerlamp behoedde voor een val. Terwijl de nestor, Meneer van Aalst, zijn ronde deed voor een praatje met de vaste klanten, zorgde Hafida met haar onuitputtelijke energie dat de koffiehoek er tot het laatste moment uitnodigend uitzag.
Toen de klok vijf uur sloeg en de laatste klant de winkel verliet, viel er een korte, plechtige stilte. Jannus en Trees stapten naar voren. “Bedankt allemaal,” zei Jannus, terwijl hij een arm om de schouder van Peter legde. “Zonder jullie was deze tent maar een hoop oud hout. Vandaag sluiten we de deuren, maar om acht uur gaan ze weer open voor onze eigen borrel!”
Om acht uur was de transformatie van de winkel magisch. Waar overdag klanten tussen de schappen drentelden, stonden nu drie lange tafels in een u-vorm, feestelijk gedekt met het mooiste servies uit de eigen collectie. De aanblik was uniek: de chique Harrie zat naast de nuchtere Peer, en Gerda was diep in gesprek met Zuster Justina over de economie van het kloosterleven.
Het geroezemoes was oorverdovend, totdat Jannus een zware, koperen scheepsbel tevoorschijn toverde. Met een paar krachtige slagen galmde het geluid door de hoge ruimte. Karel en Syl drukten verschrikt hun vingers in hun oren, terwijl Meneer van Aalst goedkeurend knikte; eindelijk orde in de tent.
Jannus klom op een stevige eikenhouten kist en keek de kring rond. “Vrienden,” begon hij warm, “tussen de spullen die anderen niet meer wilden, hebben wij het mooiste gebouwd wat er is: een plek waar iedereen telt.”
Hij memoreerde de komische discussies over waardeloze stoelen, maar ook de spanning rond de inbraak van Roy. De blik van de groep dwaalde even naar de bovenkamer; Roy was niet langer die inbreker, maar een mens die door hun zorg weer een dak boven zijn hoofd had gekregen. Hij bedankte de zusters voor hun morele kompas, de vrijwilligers zoals Jolanda en Mieke voor hun geduld, en noemde de wijsheid van Meneer van Dalen. Toen hij eindigde met een speciale knipoog naar Trees, die als een koningin aan het hoofd van de tafel zat, en naar Gerda, werd het hem even te kwaad.
“Het was een fantastisch jaar. Dankzij jullie. En nu… aan de slag met het belangrijkste deel: smakelijk eten!”
Richting half tien werden de laatste glazen geleegd. Met warme handdrukken en knuffels verliet de groep de winkel om de laatste uren van het jaar in huiselijke kring door te brengen. Terwijl de oliebollen werden gegeten en de landelijke aftelmomenten op televisie voorbijtrokken, bleef het plein voor de winkel even leeg en koud.
Maar na middernacht veranderde de straat. Uit alle hoeken van het dorp stroomden honderden mensen richting het centrale plein. Kort na de twaalf slagen van de klok kwam de ploeg van De Lege Knip weer samen op hun afgesproken plek. Jannus en Gerda waren er als eersten, snel gevolgd door Trees en Harrie. Ook Dilan, Peter, Hafida en de zusters doken op uit de menigte. Het was een weerzien vol vreugde; er werd gekust, geproost en gelachen.
Toen de menigte zijn grootste omvang had bereikt, gaf de gemeente het startsein voor de professionele vuurwerkshow. Goudregens, felblauwe boeketten en knalrode sterren verlichtten de Brabantse lucht. Het dak van de kringloopwinkel lichtte bij elke pijl op in een andere kleur, alsof het gebouw zelf ook meevierde.
Jannus sloeg zijn arm stevig om Gerda heen. Hij zag Trees stralen en zijn team genieten. Het vuurwerk vormde de perfecte afsluiting van een jaar waarin levens waren veranderd en de liefde onverwachts had aangeklopt. Terwijl de laatste ‘crackling’ pijlen de hemel vulden, wist iedereen van De Lege Knip het zeker: 2026 zou het jaar worden waarin ze letterlijk en figuurlijk muren zouden gaan verzetten.
Geef een reactie op Karel Reactie annuleren