Integriteitrisico’s


Terwijl Sally in de kappersstoel geniet van de transformatie en het zachte gevoel van de krultangen, is de sfeer op het kantoor van Robert van der Velde om te snijden. De middagzon valt fel op zijn bureau, maar Robert voelt alleen maar ijzige woede.

Op zijn bureau ligt een zware, witte envelop van de bank. Hij heeft hem zojuist met een briefopener bijna doormidden gescheurd.

De tekst op het papier is kort, zakelijk en vernietigend. Er staan geen vriendelijke groeten meer in, geen “beste Robert”.

Betreft: Beëindiging volmacht en externe vertegenwoordiging Dossier X

Geachte heer Van der Velde,

Naar aanleiding van ons recente interne onderzoek en de informatie verkregen via interregionale tuchtorganen, delen wij u mede dat de bank per direct alle door u ingediende volmachten met betrekking tot bovengenoemd dossier als nietig beschouwt.

U heeft met onmiddellijke ingang geen toegang meer tot de rekeningen, saldi of transactiegegevens van de betreffende cliënt. Tevens zijn alle door uw kantoor ingestelde automatische incasso’s stopgezet. Wij verzoeken u alle originele bescheiden binnen 48 uur te retourneren aan onze afdeling Bijzonder Beheer.

Met gepaste groet, B.J. van de Laar, Directeur Regio

Robert smeet de brief tegen de glazen wand van zijn kantoor. Het papier dwarrelde machteloos naar de grond.

“Nietig? Informatie uit het Westen?!” brulde hij tegen de lege kamer. Zijn vuist kwam hard neer op het mahoniehouten tafelblad, waardoor zijn dure pen op de grond rolde.

Hij begreep het niet. Hij was gewend dat mensen voor hem bogen, dat bankdirecteuren de andere kant op keken zolang de cijfers maar klopten. Maar nu werd hij behandeld als een paria, een ongewenste indringer in zijn eigen vakgebied.

Onder de woede begon de eerste echte paniek te knagen. Als de bank deze taal uitsloeg, betekende het dat ze iets hadden gevonden dat zwaarder woog dan zijn gladde praatjes. Hij dacht aan Sally. Die “vrouw uit het kippenhok” die hij dacht gebroken te hebben. Hoe kon zij, die niets meer had, dit teweegbrengen?

Hij pakte zijn telefoon en probeerde Berend-Jan opnieuw te bellen, maar hij kreeg direct de voicemail.

“Dit pik ik niet,” siste hij terwijl hij zijn jas pakte. “Als ze denken dat ze me via een anoniem ‘Dossier X’ buiten kunnen sluiten, dan hebben ze buiten Robert van der Velde gerekend.”

Hij wist echter één ding zeker: de geldstroom die hij zo zorgvuldig had opgebouwd uit Sally’s resterende toeslagen en leningen, was zojuist opgedroogd. En in zijn wereld was geen geld gelijk aan geen macht.

Robert’s advocaat, Mr. Constantijn van der Heuvel — een man die bekendstaat om zijn peperdure maatpakken en het vermogen om de wet als elastiek te buigen — zat in de lederen fauteuil tegenover Robert. Hij had het dossier vluchtig doorgebladerd, maar zijn gewoonlijke zelfverzekerde grijns was nergens te bekennen.

“Robert,” begon Van der Heuvel terwijl hij zijn bril afzette. “Je hebt hier een probleem. De bank schermt met ‘integriteitsrisico’s’. In de huidige bankenwereld is dat een magic word. Zodra ze die kaart trekken, sta je 2-0 achter. Als we dit voor de rechter brengen, gaan ze die memo uit West als bewijs indienen. Dan ligt je hele doopceel op straat.”

De conclusie was pijnlijk: een juridische frontale aanval was zelfmoord. “Ik zal Berend-Jan eens bellen,” zei van der Heuvel. “Kijken of ik op ‘collegiale’ basis wat informatie kan loskrijgen. Misschien kunnen we een deal sluiten.”

Van der Heuvel zette zijn telefoon op de luidspreker. Robert luisterde met ingehouden adem mee.

“Berend-Jan! Constantijn hier. Zeg, ik heb hier een nogal verwarde cliënt zitten. Robert van der Velde. Jullie hebben zijn toegang tot een dossier geblokkeerd? Dat lijkt me een nogal drastische schending van het contractrecht, vind je niet?”

Aan de andere kant bleef het even stil. Toen klonk de stem van Berend-Jan, rustiger en kouder dan Robert hem ooit had gehoord.

“Constantijn. Ik had je telefoontje al verwacht. Laat ik heel duidelijk zijn: wij hebben dit dossier niet zomaar op ‘X’ gezet. Er is sprake van een ernstige belangenverstrengeling tussen de adviseur en de cliënte. Bovendien hebben we geverifieerde informatie dat de ethische standaarden van de heer Van der Velde in zijn vorige regio al tot tuchtrechtelijke stappen hebben geleid.”

“Dat zijn zware woorden, Berend-Jan,” probeerde de advocaat nog. “Mijn cliënt overweegt een schadeclaim wegens smaad en belemmering van zijn bedrijfsvoering.”

Berend-Jan lachte kort en droog. “Doe dat vooral, Constantijn. Dan maken we er een openbare zaak van. Ik heb hier naast me ook een officieel schrijven liggen van een zekere heer Harrie, een gerespecteerd registeraccountant, die bereid is als getuige-deskundige op te treden over de ‘finesse’ van de contracten die Robert heeft opgesteld. Wil je dat echt op je bureau hebben?”

Constantijn keek even op naar Robert en schudde langzaam zijn hoofd. Hij wist genoeg. Berend-Jan blufte niet; hij werd gedekt door de zwaargewichten uit de regio.

“Luister goed,” vervolgde Berend-Jan. “De bank bevriest de situatie voor drie maanden. In die tijd krijgt mevrouw de kans om haar zaken elders onder te brengen. Als Robert nu wijs is, accepteert hij dit verlies en trekt hij zich geruisloos terug. Als hij de confrontatie zoekt, sturen wij het volledige dossier door naar de AFM en de tuchtraad. De keuze is aan hem.”

De verbinding werd verbroken.

Het bleef doodstil op het kantoor. Het tikken van de designklok aan de muur klonk als een hamer op Roberts zenuwen.

“Ze hebben je in de hoek, Robert,” zei Van der Heuvel terwijl hij zijn tas pakte. “Berend-Jan is een Lion, en die Harrie blijkbaar ook. Die mannen beschermen hun eigen territorium én hun eigen moraal. Mijn advies? Laat het gaan. Elke stap die je nu richting die vrouw zet, trekt de strop rond je eigen nek alleen maar strakker aan.”

Robert keek uit het raam. Zijn macht was als zand door zijn vingers geglipt. Maar in zijn ogen glinsterde nog steeds een gevaarlijk vuur. Hij mocht dan juridisch schaakmat staan, dat betekende niet dat hij zich zomaar bij zijn verlies neerlegde.

Dat maakt de positie van Robert alleen maar frustrerender: hij vecht tegen een onzichtbare vijand. In zijn wereld is hij gewend om precies te weten wie hij moet intimideren of omkopen, maar nu is hij “blind” geslagen door een systeem dat hem simpelweg buitensluit.

Terwijl Robert in zijn kantoor in het Westen naar een dood scherm staart, zwaait de deur van De Lege Knip open. Er klinkt een vrolijk belletje.

Sally stapt over de drempel. De transformatie is adembenemend. De doffe, futloze lokken die ze met een elastiekje bij elkaar hield, zijn verdwenen. Haar haar valt nu in zachte, glanzende krullen rond haar gezicht, dat door de behandeling en de hoofdmassage een gezonde blos heeft gekregen. Ze draagt een van de jassen die Trees voor haar had uitgezocht—een die haar niet langer verbergt, maar past.

Piet, die net een oude Philips-radio aan het testen was, laat zijn schroevendraaier bijna vallen. “Potverdikkie,” mompelt hij met een grijns. “Is dat onze Sally? Ik dacht even dat er een filmster binnenkwam.”

Trees komt met een stapel handdoeken aanlopen en blijft stokstijf staan. “Meid! Wat zie je er prachtig uit. Die krullen… het laat je ogen spreken. Je ziet er jaren jonger uit.”

Sally loopt naar de grote spiegel achterin de winkel, de spiegel waar normaal gesproken klanten kijken of een hoed of jas goed staat. Ze blijft staan en staart naar haar eigen spiegelbeeld.

Ze herkent de vrouw in de spiegel bijna niet. Veertien maanden lang was haar spiegelbeeld dat van een vluchteling, een schim die probeerde te verdwijnen in de grijze massa. Nu ziet ze een vrouw die weer “mag zijn”.

“Dank je, Harrie,” zegt ze zacht, terwijl ze hem in de reflectie aan de tafel ziet zitten. “En dank je, Jannus. Voor de kapper… en voor alles.”

Harrie kijkt op van zijn laptop en knikt haar minzaam toe. Hij vertelt haar op dit moment niets over het woedende telefoontje van de advocaat of de paniek van Robert. In de veilige haven van De Lege Knip hoeft zij die strijd niet te voelen.

“Geniet ervan, Sally,” zegt Harrie. “Je hebt vandaag je identiteit teruggekregen bij de bank, bij de gemeente, en nu ook in de spiegel. Robert zit ver weg in zijn glazen kantoor en hij heeft geen flauw idee waar de tegenwind vandaan komt. En dat houden we zo.”

Jannus zet een bordje met wat lekkers op tafel. “Precies. Robert vecht tegen schaduwen. Hij weet niet wie wij zijn, en hij weet niet waar jij bent. Voor hem ben je ‘Dossier X’, een probleem dat hij niet kan oplossen. Voor ons ben je gewoon Sally, en we zijn blij dat je er bent.”

(wordt vervolgd)

https://willemzijlstrasverhalen.blog


Ontdek meer van Mijn korte verhalen

Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.

Reacties op “Integriteitrisico’s”

  1. Karel Avatar

    mogge Willem
    de juiste contacten zijn belangrijk , maar die advocaat noemde wel 2 namen
    we wachten het af

    geniet de dag

    Geliked door 1 persoon

  2. TaaltuinZuid Avatar

    Spannend!

    Geliked door 1 persoon

  3. ymarleen Avatar

    Jij weet de spanning er echt wel in te houden …

    Geliked door 1 persoon

  4. bertjens Avatar

    Eind goed, al goed? Ik vrees van nog niet.

    Geliked door 1 persoon

    1. wzijlstra10 Avatar

      De tijd zal het leren!

      Geliked door 2 people

  5. Rianne Avatar

    Wij zullen geduld moeten hebben hoe het afloopt. Spanning op en top!

    Geliked door 1 persoon

Geef een reactie op Rianne Reactie annuleren

Ontdek meer van Mijn korte verhalen

Abonneer je nu om meer te lezen en toegang te krijgen tot het volledige archief.

Lees verder