
Het is een rustige middag in De Lege Knip wanneer de deur opengaat en Gerda binnenstapt. Haar aanwezigheid brengt altijd een zekere rust en warmte met zich mee. Ze loopt direct naar Jannus, geeft hem een kus en een korte omhelzing, maar haar scherpe ogen dwalen al snel door de winkel.
Daar, bij de rekken met vintage jassen, ziet ze haar: Sally.
Gerda loopt met een vriendelijke glimlach op Sally toe. “Jij moet Sally zijn,” zegt ze zacht terwijl ze haar hand uitsteekt. “Ik ben Gerda, de partner van Jannus. Ik heb al veel over je gehoord, en wat fijn om je nu eindelijk te ontmoeten.”
Sally schrikt een klein beetje; ze is nog steeds niet gewend aan onverwachte aandacht. Ze pakt Gerda’s hand aan, eerst wat aarzelend, maar ze ontspant als ze de oprechte blik in Gerda’s ogen ziet. “Dank u… eh, Gerda,” stamelt ze. “Fijn om u ook te ontmoeten. Jannus heeft ook veel over u verteld.”
Ze maken een praatje over de winkel en Sally’s nieuwe kapsel, maar terwijl ze praten, observeert Gerda met haar zorgzame blik de details, de manier waarop Sally na een paar minuten staan al even tegen een rek aanleunt. De bleke huid die, ondanks het kapsel, nog steeds verraadt dat er een tekort is aan vitamines en frisse lucht en ook haar polsen, die nog steeds erg dun zijn voor haar postuur.
Later die middag, als Sally even achterin de koffie aan het zetten is, trekt Gerda Jannus en Trees mee naar de kleine kantoorhoek. Haar gezicht staat ernstig.
“Jongens, we moeten het over Sally hebben,” begint ze gedempt. “Het is geweldig wat jullie hebben gedaan met haar papieren en haar uiterlijk, maar fysiek is ze nog maar een schim van zichzelf. Ze heeft totaal geen reserves. Als ze nu een flinke griep krijgt, ligt ze er maanden uit.”
Jannus knikt langzaam. “Ik weet het, Gerda. Ze is maandenlang uitgehongerd en dan nog in dat kippenhok. Ze eet nu wel mee, maar het gaat langzaam.”
Trees vult aan: “Ze is ook snel buiten adem. Zelfs de trap op naar haar kamer kost haar moeite.”
Gerda, die altijd praktisch is ingesteld, begint direct een plan te schetsen. “We moeten haar weer ‘opbouwen’. Niet alleen met eten, maar met gerichte beweging. Jannus, kijk eens naar haar polsen. Ze is zo breekbaar als glas. Die laatste maanden hebben meer schade aangericht dan alleen een beetje gewichtsverlies. Haar spieren zijn gewoon… weg.”
“Je hebt gelijk, Gerda. Ik zie haar soms trillen als ze een volle koffiepot optilt. Ik ga vanaf morgen de keuken in. Geen ‘magere’ hapjes meer. Ik ga haar aan de kwark met noten zetten, en elke avond een flink stuk vlees of vis met extra veel groenten. We moeten haar letterlijk weer vlees op de botten geven.”vond Trees.
“Dat eten is stap één, Trees. Maar als ze alleen maar eet en hier in de winkel blijft hangen, bouwt ze geen conditie op. Ik ga haar elke middag een uurtje meenemen naar het bos. Gewoon wandelen. De frisse lucht zal haar goed doen, en het is minder belastend voor haar longen dan de hele dag in de stof van de winkel staan.”
Gerda:(leunt naar voren) “Dat is een goed begin, maar ik wil een stapje verder gaan. Ik ken de eigenaar van de sportschool hier in het dorp, een rustige kerel. Ik wil haar daar twee keer per week naartoe hebben. Geen zware gewichten hoor, maar een rustig programma voor spieropbouw. Als ze voelt dat ze weer kracht in haar benen krijgt, krijgt ze ook weer kracht in haar hoofd. Het gaat om zelfvertrouwen, Jannus.”
Jannus (kijkt twijfelachtig) “Zou ze dat wel durven, Gerda? Je weet hoe ze is. De kapper was al een hele overstap. In een sportschool lopen allemaal fitte mensen rond in strakke kleding. Ik ben bang dat ze zich daar alleen maar meer een buitenbeentje voelt.”
“Daar heeft Jannus een punt. Ze is nog steeds een beetje mensenschuw als het te druk wordt.” Waarschuwde Trees.
“Daarom gaan we ook niet ’s avonds als het druk is. Ik regel een rustig uurtje. En weet je wat? Ik ga de eerste paar keer gewoon met haar mee. Dan doen we het samen. Als ze ziet dat ik ook gewoon mijn best moet doen, is de drempel een stuk lager.”was Gerda haar reactie.
Jannus glimlacht langzaam “Je bent een vasthoudende vrouw, Gerda. Vooruit, we doen het. Maar we brengen het haar voorzichtig. We willen niet dat ze het gevoel krijgt dat ze weer ‘moet’ van iemand.”
Trees wacht tot de rust is weergekeerd in de winkel en neemt Sally even apart in de gezellige keuken achterin. Er staat een verse pot thee op tafel en Trees heeft een schaaltje met wat noten en zuidvruchten neergezet.
Treeskijkt Sally vriendelijk aan “Sally, meid, nu we even onder ons zijn… ik wilde je eens vragen hoe je je nu écht voelt hier. Niet alleen in je hoofd, maar vooral lichamelijk. We vinden het heerlijk dat je er bent, maar we zien ook wel dat het hard werken is voor je.”
Sally kijkt een beetje naar haar handen “Het gaat wel, Trees. Ik ben gewoon zo blij dat ik iets kan doen. Ik wil me niet aanstellen.”
Trees legt een hand op haar hand “Dat weten we, en dat is ook precies het punt. Je wilt je niet aanstellen, dus je gaat maar door. Maar het is ons opgevallen dat je aan het eind van de middag soms lijkbleek ziet en dat je benen bijna onder je vandaan trillen. Dat is ook niet gek na wat je hebt meegemaakt. Je lichaam is simpelweg ‘op’.”
Sally knikt zachtjes, alsof ze opgelucht is dat het eindelijk hardop gezegd wordt.
Trees ziet haar recht in de ogen “We hebben er eens over nagedacht. Ik wil eigenlijk een voedingsdeskundige die ik ken eens vragen om mee te kijken. Niet om je op dieet te zetten hoor, maar juist om te kijken hoe we je weer sterk kunnen krijgen. Meer energie, meer ‘vlees op de botten’. En daarop aansluitend hebben we een plannetje gesmeed, maar alleen als jij het wilt.”
Ze legt de hand op Sally’s schouder.
Trees: “Jannus wil je af en toe meenemen voor een wandeling in het bos voor de frisse lucht. En Gerda stelde voor om twee keer per week met je naar een rustig uurtje in de sportschool te gaan. Puur om je spieren weer wat kracht te geven zodat je niet meer zo snel moe bent. Het is geen ‘moeten’, Sally. Je bent een vrij mens. Als jij zegt: ‘Trees, laat me met rust’, dan doen we dat. Maar we gunnen je zo dat je je weer sterk voelt in je eigen lijf.”
Sally blijft even stil. De gedachte aan een sportschool beangstigt haar een beetje, maar de warmte waarmee Trees het brengt — en het feit dat ze zelf mag kiezen — maakt het anders dan de bevelen van Robert.
Sally begint een beetje stotterend “Ik… ik ben wel bang dat mensen naar me kijken in zo’n sportschool. Maar ik merk het zelf ook, Trees. De trap opgaan voelt soms als het beklimmen van een berg. Als Gerda echt met me mee wil gaan… dan wil ik het wel proberen. Ik wil niet meer zo zwak zijn.”
Trees glimlacht breed “Dat is het mijn meisje. We gaan het stap voor stap doen. Eerst maar eens beginnen met die extra lekkere en gezonde hapjes die ik voor je ga maken!”
De avond bij Trees thuis was precies wat Sally nodig had. In de warme, knusse keuken van Trees heerste een rust die Sally al jaren niet meer had gekend. Geen kille kantoorsfeer, geen dreigementen, maar de geur van verse kruiden en een sudderend pannetje.
Trees had een lichte, maar voedzame maaltijd bereid: een stukje gegrilde kip, quinoa met geroosterde groenten en een zachte saus van avocado. “Niet te veel tegelijk,” legde Trees uit, “je maag moet er weer even aan wennen dat hij goed verzorgd wordt.”
Terwijl ze aten, vertelde Trees over de afspraak met de voedingsdeskundige. De bezorgde vraag van Sally — “Maar is dat duur?” — sneed Trees door de ziel. Het liet zien hoe diep de financiële trauma’s van Robert nog zaten; bij hem was alles een kostenpost of een schuld.
Trees met een geruststellende lach “Sally, lieverd, maak je daar geen seconde druk om. In Nederland hebben we dat goed geregeld. Je bent gewoon verzekerd voor dit soort zorg. Het kost je pas geld als je er een heel jaar lang elke dag zou zitten, en geloof me, zo ver zijn we nog lang niet. Het is jouw recht om weer gezond te worden.”
Toen Trees haar later die avond weer terugbracht naar haar veilige kamer boven De Lege Knip, bleven ze even staan bij de trap. De straatverlichting wierp lange schaduwen, maar binnen brandde een klein nachtlampje dat Jannus speciaal voor haar had neergezet.
“Bedankt, Trees… echt,” fluisterde Sally. Haar stem brak even en de tranen die de hele avond al achter haar oogleden brandden, vonden hun weg naar buiten. Het waren tranen van dankbaarheid; de realisatie dat er mensen waren die niet alleen voor haar zorgden, maar haar ook de weg wezen in een wereld die ze niet meer begreep.
Trees gaf haar een laatste, stevige knuffel. “Slaap lekker, Sally. Morgen is een nieuwe dag, en we gaan het samen doen.”
(wordt vervolgt)
Geef een reactie op ymarleen Reactie annuleren