
De donderdagavond in De Lege Knip was er een om niet snel te vergeten. De sneeuw lag als een dunne, krakende deken over het dorp, het soort sneeuw dat niet uitnodigt maar uitdaagt. Toch stonden er die avond verrassend veel fietsen tegen de gevel van De Lege Knip, sommige nog druipend van het smeltwater, andere met een laagje poeder alsof ze net uit een ansichtkaart waren gevallen. Binnen was het warm, het soort warmte dat niet van de kachel komt maar van mensen die elkaar kennen.
Berend zat al klaar op zijn vaste plek aan de kop van de tafel. Hij had zijn pet op de tafel gelegd, alsof hij daarmee wilde aangeven dat hij iets serieus te bespreken had. Zijn wangen waren nog rood van de kou, maar zijn blik was helder, bijna strijdlustig. Hij was de eerste die vanavond het woord nam.
“Goed,” begon Berend, terwijl hij met zijn vingers op het tafelblad tikte. “Ik wil het vanavond hebben over die reclames van dierenlot.nl. Je kunt de tv niet aanzetten of ze staan weer zielig te kijken met een hond in de sneeuw en een nummer dat je moet bellen. En ik vraag me af: waar gaat dat geld nou écht heen?”
Er ging een zacht gemurmel door de zaal. Het koor van dorpsstemmen, altijd aanwezig, altijd klaar om te reageren.
“Ze kopen wel héél veel zendtijd,” zei Kobus achterin. “En dat is niet goedkoop,” voegde een ander toe. “Maar ja, als het voor de dieren is…” “Als,” herhaalde Kobus met nadruk.
Berend knikte. “Precies dat. Dat ‘als’. Ik heb het gevoel dat het meer een verdienmodel is dan een goed doel. En dan zeggen ze dat ze transparant zijn, maar transparantie is tegenwoordig gewoon een marketingwoord. Je kunt er alles mee verkopen.”
Er viel een korte stilte. Niet ongemakkelijk, maar nadenkend. De soort stilte waarin mensen hun eigen gedachten even horen.
Aan de bar poetste Jannus een glas droog. Hij had de hele dag al gewerkt aan die zware eikenhouten kast, maar luisterde met een half oor mee. “Ik zeg altijd,” bromde Jannus, “als een organisatie meer geld uitgeeft aan reclame dan aan waar ze voor zeggen te staan, dan klopt er iets niet. Maar ja, wie controleert dat nou echt?”
“Accountants,” zei iemand. “Juristen,” zei een ander.
Harrie, die rustig in de hoek zat met een glas water, keek op van zijn papieren. Zijn blik was scherp, maar hij zweeg wijselijk over zijn eigen werk met de dagvaardingen en het beslag op het kantoor in het Westen. Hij wist als geen ander hoe makkelijk geld kon verdwijnen in schimmige constructies.
Harrie zette zijn glas neer en de tafel viel stil. De discussie over de reclamebudgetten van grote organisaties verschoof naar een veel fundamenteler punt. Hij zag hoe Berend en Jannus worstelden met de vraag waarom de boodschap altijd zo dramatisch moest zijn.
“Het gaat niet alleen om die beelden van dieren in de sneeuw,” zei Harrie, terwijl hij zijn blik over de tafel liet dwalen. “De nieuwste trend in die marketingmachine is de focus op de vrijwilliger. Ze laten je een man of vrouw zien die met de voeten in de modder staat, die vertelt dat hij of zij het werk ‘anders niet meer kan doen’. De suggestie is: als jij die tientje niet geeft, kan deze held morgen niet meer op pad om te redden wat er te redden valt.”
Harrie leunde naar voren. “Dat is wat ik bedoel met de dunne lijn tussen marketing en chantage. Ze gebruiken de oprechtheid van de vrijwilliger als een schild. Als je kritische vragen stelt over de overhead, de glazen kantoren of de salarissen van de top, dan is het antwoord: ‘Maar dan kan onze vrijwilliger zijn werk niet meer doen.’ Ze gijzelen de goede bedoelingen van de mensen op de werkvloer om de financiële machine aan de bovenkant draaiende te houden.”
Jannus stopte met poetsen en leunde op de bar. “Dat is precies wat we hier met Sally ook zien, nietwaar? Mensen die echt willen helpen, maar die vastlopen in een systeem dat vooral met zichzelf bezig is.”
Harrie legde uit hoe die “transparantie” er op papier uitziet. Voor de bezoekers van De Lege Knip tekende hij in gedachten de geldstromen uit die hij in zijn werk bij de grote kantoren zo vaak was tegengekomen.
| Post in het Jaarverslag | Wat de marketing zegt | Wat de accountant ziet |
| Projectondersteuning | “Geld voor de vrijwilliger in het veld.” | Vaak inclusief de leaseauto’s van de regiomanagers. |
| Bewustwording | “Wij informeren het publiek over de nood.” | De kosten voor de reclamebureaus en de zendtijd. |
| Reservering | “Sparen voor de toekomst van de dieren.” | Vermogensbeheer dat weer rendement moet opleveren. |
De discussie in De Lege Knip kabbelde langzaam naar een einde, terwijl de laatste druppels koffie in de mokken afkoelden. De scherpe analyse van Harrie over de marketing van goede doelen en het lot van de vrijwilliger had de aanwezigen aan het denken gezet.
Berend pakte zijn pet weer van de tafel en zette hem stevig op zijn hoofd. Hij keek naar Jannus, die nog steeds met zijn doek over de bar leunde, en toen naar Harrie.
“Het komt er dus op neer,” zei Berend met een nuchtere vastberadenheid, “dat we ons niet gek moeten laten maken door een mooi verhaal of een zielig gezicht op de buis. Of het nou een grote stichting is of een gladde vogel in een glazen kantoor: als ze de vrijwilliger als schild gebruiken om hun eigen zakken te vullen of hun administratie te verdoezelen, dan deugt de basis niet.”
Harrie knikte instemmend. “Precies, Berend. Vertrouwen is een kostbaar bezit, maar het moet verdiend worden met open cijfers, niet met dichte deuren. De echte transparantie zit hem niet in wat ze beloven, maar in wat ze bereid zijn te laten zien als het moeilijk wordt.”
Trees liep een laatste ronde om de asbakken te legen en de koekjestrommel op te bergen. Ze keek even naar de deur van de achterkamer, waar het dossier van Sally veilig achter slot en grendel lag.
“Uiteindelijk,” zei Trees zacht, “gaat het erom dat we hier in De Lege Knip weten wie we voor ons hebben. Wij hebben geen reclamebudget of marketing nodig om te doen wat goed is. Wij zien de mens, niet het verdienmodel.”
Jannus knikte en deed het licht boven de bar uit, waardoor de kamer alleen nog werd verlicht door de gloed van de kachel. “Morgen is er weer een dag. Dan zien we wel wat de deurwaarder heeft bereikt. Maar vanavond hebben we in ieder geval de boel weer scherp gesteld.”
Buiten was de sneeuw opgehouden met vallen. De fietsen van de bezoekers lieten diepe sporen achter in de witte deken terwijl ze één voor één huiswaarts keerden. De rust in het dorp was bedrieglijk; onder de oppervlakte was de waarheid over Robert van der Velde aan het licht gekomen, en in de warmte van de winkel was het besef gerijpt dat echte hulp geen glimmende buitenkant nodig heeft.
Geef een reactie op Karel Reactie annuleren