
Harrie loopt met grote stappen naar het raam, de telefoon al stevig tegen zijn oor gedrukt. Het duurt lang, tergend lang, voordat er aan de andere kant van de lijn eindelijk wordt opgenomen.
“Met Frits,” klinkt een norse, slaperige stem. Op de achtergrond is het pruttelen van een koffiezetapparaat te horen.
“Frits, met Harrie. Je kunt je koffie wel weggooien en meteen in de auto stappen. We hebben het.”
Het blijft een seconde angstaanjagend stil aan de lijn. Dan klinkt Frits ineens klaarwakker, maar zijn toon is verre van vriendelijk. “Wat zeg je me nu, Harrie? Wat bedoel je met ‘we hebben het’? Ben jij verdomme op eigen houtje naar dat landgoed gegaan?”
“Luister nou eens—” probeert Harrie, maar Frits dondert er meteen overheen.
“Nee, jij luistert naar mij, De Groot! We hadden een héle duidelijke afspraak. Jij zou wachten op mijn signaal. Je bent verdomme een gepensioneerde burger, geen actieve rechercheur meer! Als De Bruin hier lucht van krijgt, breng je niet alleen jezelf, maar ook die meiden in levensgevaar. Weet je wel welk risico je hebt genomen?”
Harrie voelt zijn eigen bloeddruk ook stijgen. Hij plant zijn vrije hand plat op de keukentafel en leunt voorover. “Nou moet jij eens heel goed luisteren, Frits. Als ik op jouw ambtelijke molens had moeten wachten, had De Bruin de hele boel allang platgebrand of leeggehaald. Lotte wist precies waar het lag. De kust was veilig.”
“Dat bepaal jij niet!” blesseert Frits aan de andere kant van de lijn. Harrie hoort het geluid van rinkelend serviesgoed; Frits heeft ongetwijfeld zijn mok te hard neergezet. “Dit is een lopend politieonderzoek. Eventueel bewijsmateriaal dat jij nu met je onbevoegde vingers hebt aangeraakt, kan zo door een advocaat wegens vormfouten van tafel worden geveegd! Heb je daar überhaupt met je eigenwijze kop aan gedacht?”
“Er zijn geen vormfouten, want we hebben niks vernield,” bijt Harrie van zich af, terwijl Sally en Trees hem met grote ogen aanstaren vanaf de bank. “En geloof mij maar, als je ziet wat hier voor mijn neus op de keukentafel ligt, piep je wel anders. Een waterdicht verpakte, zwartleren map. Handgeschreven logboeken van Robert. Kentekens, data, bedragen met vier of vijf nullen en de originele handtekeningen van De Bruin zelf. Oh, en er zit ook nog een USB-stick bij.”
Het is direct doodstil aan de andere kant van de lijn. Het harde ademhalen van Frits is het enige geluid dat nog doorkomt. De woede maakt hoorbaar plaats voor professionele verbijstering.
“De… de Bruins handtekening?” vraagt Frits met een plotseling gedempte stem. “Zwart-op-wit?”
“Zwart-op-wit,” herhaalt Harrie koel, wetend dat hij het gevecht heeft gewonnen. “En het ligt hier nu allemaal veilig bij mij aan de Slotlaan. Dus stop met dat ambtelijke opheffen tegen mij, stap in je surveillancewagen en zorg dat je hier bent voor de koffie koud is. En Frits? Neem handschoenen en bewijzakken mee.”
Zonder het antwoord af te wachten, drukt Harrie het gesprek weg. Hij legt de telefoon met een luide tik op het aanrecht, kijkt naar de dames en haalt diep adem. “Zo. Die is onderweg.”
“Harrie, was er een afspraak met Frits zoals hij zei?” was de vraag van Sally.
Harrie begint te lachen en schudt zijn hoofd. “Nee Sally, toen hij opnam was hij al gepikeerd. Ga er maar van uit dat er op zijn kantoor onenigheid was of dat er iets anders fout was gegaan. Daar moet je gewoon doorheen kijken.”
Liza neemt een flinke slok van haar koffie en schuift de schaal met gebak nog eens extra in het midden. “Nou, hij klonk alsof hij dacht dat we een bende amateurs zijn. Maar ondertussen hebben we wel mooi die map hier op tafel liggen.”
“Precies,” knikt Harrie vastberaden. “Frits baalt er gewoon van dat wij sneller waren dan zijn hele rechercheteam. Maar geloof mij, als hij dadelijk ziet wat voor vlees we hier in de kuip hebben, trekt hij heel snel bij. Hij weet ook wel dat we goud in handen hebben.”
Lotte staart ondertussen naar de zwartleren map, waar de USB-stick nog altijd bovenop ligt te glimmen in het ochtendlicht. Haar nieuwsgierigheid begint het nu toch echt te winnen van de spanning. “Harrie… als Frits hier dadelijk is, neemt hij alles mee in die bewijszakken. Moeten we niet nu alvast kijken wat er op die USB-stick staat? Voor het geval de politie het straks maandenlang achter slot en grendel legt?”
Sally kijkt haar dochter aan en dan naar Harrie. Een veelzeggende stilte valt over de keukentafel. Trees loopt alvast naar de hoek van de kamer om Harries laptop op te halen. “Ik denk dat Lotte een heel goed punt heeft,” zegt Trees met een veelzeggende glimlach.
Harrie knikt instemmend naar Lotte en neemt de laptop over van Trees. Hij schuift zijn koffiekopje een stukje opzij om ruimte te maken op de houten keukentafel. Met een zachte klik klapt hij het scherm omhoog en drukt op de aan-uitknop. Het vertrouwde opstartgeluid klinkt door de keuken, terwijl het blauwe licht van het scherm op de gezichten van het gezelschap schijnt.
“Laten we eens kijken wat Robert voor ons heeft achtergelaten,” mompelt Harrie.
Hij pakt de kleine, glanzende zwarte USB-stick van de map. Zijn vingers zijn nog een beetje stroef van de ochtendkou op het landgoed, maar met uiterste voorzichtigheid schuift hij de stick in de USB-poort aan de zijkant van de laptop.
Het is een paar seconden doodstil in de keuken. Sally, Lotte en Liza buigen zich tegelijkertijd naar voren, hun blikken strak op het scherm gericht. Trees blijft vlak achter Harrie staan en legt een hand op zijn schouder.
Dan klinkt er een kort, helder geluidje uit de luidsprekers van de laptop: de computer heeft de stick herkend. Rechtsonder in het scherm verschijnt een pop-up. Harrie tikt met zijn wijsvinger op het touchpad en opent de verkenner. Er springt een nieuw venster open, waarin slechts één enkele map staat. De map heeft geen ingewikkelde code of naam, maar bestaat uit slechts drie letters, die bij Lotte direct de adem in haar keel doen stokken: R.V.D.V. — De initialen van haar vader, Robert van der Velde. “Hij is het,” fluistert Lotte, terwijl ze onbeweeglijk naar de letters staart.
Harrie aarzelt geen moment en dubbelklikt op de map. Het scherm verspringt en vult zich direct met een lange lijst van PDF-bestanden, ingescande documenten en een aantal audiobestanden. Vooral de namen van de audiobestanden vallen meteen op; die zijn allemaal voorzien van data en één specifieke naam: Gesprek De Bruin.
“Robert van der Velde,” leest Harrie zachtjes hardop van het scherm. “Hij heeft zijn eigen naam als code gebruikt. Simpel, maar effectief als niemand weet waar de stick blijft.”
Sally legt een hand op Lottes trillende schouder. Het zien van de initialen van haar vader brengt een vloedgolf aan herinneringen teweeg. “Hij heeft dit allemaal voor jou achtergelaten, Lotte. Voor ons. Om erachter te komen wat er destijds werkelijk is gebeurd.”
Harrie scrollt met zijn vinger over het touchpad langs de lijst met bestanden. “Kijk eens naar die data bij de geluidsopnames. De laatste opname is van slechts twee dagen voordat hij destijds opgepakt werd. Dat kan geen toeval zijn.”
Liza schuift haar stoel nog een stukje dichterbij en wijst naar de laptop. “Waar wachten we nog op? Start die laatste opname in. Voordat Frits hier dadelijk de boel komt opeisen.”
Harrie kijkt de kring rond, ziet de vastberadenheid in de ogen van de dames, en klikt op het meest recente audiobestand. Een zacht gekraak klinkt uit de luidsprekers van de laptop, gevolgd door het geluid van een dichtslaande autodeur en een rinkelend glas. En dan klinkt de stem van Robert van der Velde, helder en herkenbaar, alsof hij gisteren is opgenomen.
“Luister goed, De Bruin,” klinkt Roberts stem, hoewel er een duidelijke spanning in doorklinkt. “Ik speel dit spelletje niet langer mee. De transporten van aanstaande vrijdag gaan niet door tenzij ik mijn rechtmatige aandeel op mijn rekening zie staan. Ik heb alle papieren en overdrachten van het afgelopen jaar gekopieerd. Als mij iets overkomt, ligt de hele administratie binnen vierentwintig uur bij de opsporingsdiensten.”
Op de achtergrond klinkt een ijzige, zware lach die Sally meteen herkent als die van De Bruin. “Denk je nu echt dat je mij kunt bedreigen, Robert? Je zit er tot over je oren in, net als ik. Als ik val, ga jij net zo hard mee de bak in. En geloof me, ik zorg ervoor dat ze jou als eerste vinden.”
De dames aan de keukentafel luisteren ademloos. Lotte heeft haar handen voor haar mond geslagen, de tranen branden in haar ogen bij het horen van de stem van haar vader, die destijds zo klem werd gezet.
“Ik heb maatregelen genomen,” antwoordt Robert op de opname, zijn stem nu trillend maar vastberaden. “Het materiaal ligt op een plek waar jij het nooit zult vinden. En de politie krijgt het pas als het écht misgaat.”
Dan klinkt er plotseling gestommel op de opname, het geluid van een stoel die hard achteruit wordt geschoven, en de verbinding verbreekt met een luide ruis.
“We moeten nu eerst een copy maken” Harrie pakt nog een externe geheugenschijf waarvan hij wist dat het een bijna lege was. Het copieren was begonnen en zo te zien duurde het wel een paar minuten voor het opgeslagen was. Net toen het copieren gebeurt was horen ze ook een auto door het grind van de oprijlaan .
Het is doodstil in Harries keuken. Niemand durft wat te zeggen, totdat de stilte ruw wordt verstoord door het felle, plotselinge geluid van een remmende auto op de oprit. Even later wordt er hard op de voordeur geklopt. “Frits is er, horen jullie dat?” Harrie pakt de laptop op en geeft hem aan Trees. De USB stick legt hij weer bij bij de map en loopt naar de deur.
Plaats een reactie