
Het was aan het begin van de avond. Trees en Jannus hadden de kas opgemaakt en de hele winkel zorgvuldig afgesloten. Bij de deur bleven ze nog heel even napraten over de afgelopen dag. Het was weer bizar druk geweest. Zeker in de zomerperiode, wanneer er al veel mensen op vakantie zijn of gaan, bleef het toch bijzonder dat het zo storm liep in De Lege Knip.
Jannus schudde zijn hoofd. “Wanneer we nu een bouwmarkt waren, zou ik het me nog kunnen voorstellen. Dat zijn de winkels waar mensen juist in hun vakantietijd naartoe gaan omdat ze tijd hebben om te klussen.”
Trees knikte, ze snapte er ook niets van. Net zomin als ze begreep waarom Jaap en Carla gisteren ineens weer zo spontaan waren binnenstappen. “Maanden hebben we ze niet gezien,” verzuchtte ze.
“Ja,” stemde Jannus in. “En de laatste keer dat ze hier kwamen, zaten ze nog in een bijna verlopen huwelijk met al die ruzies.”
Trees schudde bedenkelijk haar hoofd. “Ik weet eigenlijk niet of Harrie er woensdagavond wel zo’n zin in heeft om die twee over de vloer te hebben. Ik denk dat hij straks zegt: ‘Sla die twee maar over.’ Trouwens, je moet natuurlijk altijd vriendelijk blijven tegen de mensen, maar achteraf gezien had ik aan de telefoon beter direct moeten afhaken toen Carla over die woensdagavond begon.”
Terwijl Trees haar fiets uit de stalling haalde, liep Jannus naar zijn auto om eerst nog even snel bij de bank langs te gaan en daarna direct door te rijden naar zijn Gerda. Trees stapte op de pedalen. Ze was net honderd meter onderweg toen plotseling haar telefoon afging. Ze stopte netjes aan de kant van de weg, pakte haar telefoon uit haar jaszak en nam op.
“Harrie, ik ben onderweg hoor. Over tien minuten ben ik thuis,” zei ze snel.
“Doe maar rustig aan, het eten is op tijd klaar vanavond,” klonk Harrie aan de andere kant van de lijn.
Maar op het moment dat ze net weer op haar zadel klom en begon te fietsen, ratelde het toestel in haar hand alweer. Ditmaal bleef ze rustig doorfietsen en keek ze op het schermpje om te zien wie er nu weer zo dringend belde. Het was Carla. Met een diepe zucht drukte ze de oproep resoluut weg en stopte de telefoon direct terug in haar jaszak.
Wat ze in de gauwigheid echter niet had gezien, was dat er al een tijdje een politieagent op de fiets achter haar reed, die toevallig ook onderweg naar huis was. De agent versnelde zijn tempo en kwam met een glimlach naast haar rijden.
”Zo, mevrouw Van Balen, ik zag dat u daar al fietsend met uw telefoon bezig was,” sprak de man haar aan.
Trees keek hem geschrokken aan. “Nou ja, ik kreeg daarnet telefoon en dat kan weleens belangrijk zijn. Toen ben ik keurig afgestapt. Maar nu daarnet zag ik dat het Carla was, dus toen heb ik hem meteen weggedrukt omdat het geen noodgeval was.”
De agent begon lichtelijk te lachen om haar kordate verdediging. “Ik had het ook wel gezien hoor, mevrouw. U stond daarnet inderdaad netjes stil te bellen. Maar terwijl u weer opstapte, zag ik dat u die telefoon opnieuw pakte, keek en hem weer in uw zak liet verdwijnen. U hebt het uiteindelijk heel goed gedaan. Maar het leek me wel leuk om zo even een stukje samen met u op te rijden.”
Een paar straten verderop sloeg de vriendelijke agent met een zwaai af en vervolgde Trees opgelucht haar pad naar huis.
Bij thuiskomst hoorde ze de drukte al vanaf de gang. In de keuken was het een heisa van jewelste; het leek wel een drummer die al zijn pannen hardhandig aan het uitproberen was. De geur die haar tegemoetkwam was in ieder geval uitstekend—en een heel stuk beter dan twee dagen geleden, toen Harrie de aardappels hopeloos had laten aanbranden. Met deze culinaire herkansing had hij overduidelijk de serieuze bedoeling om het dit keer goed te doen, en zo te ruiken lukte dat aardig.
Trees liep de keuken in en bleef lachend in de deuropening staan. Daar stond hij dan: Harrie, gehuld in een spierwitte kokjas en met zijn originele, torenhoge koksmuts op zijn hoofd. Die muts had hij ooit van een goede kennis gekregen na het winnen van een ludieke weddenschap. En als er in huize de Groot uitgebreid gekookt werd, dan vond Harrie dat hij ook in vol ornaat aan de slag moest gaan.
Terwijl het eten zachtjes stond te pruttelen, grapte Harrie met een zwaai van zijn pollepel dat een topkok nu eenmaal niet zonder zijn uniform kon. Maar al snel sloeg de sfeer om naar een serieuzer gesprek over de komende woensdagavond. Onder het genot van de heerlijke geuren in de keuken waren ze het er namelijk al gauw over eens dat Jaap en Carla maar beter niet moesten worden uitgenodigd.
“Harrie, het was gisteren aan de telefoon ook een beetje een kwestie van ‘jezelf uitnodigen’, en daar ben ik simpelweg geen liefhebber van,” legde Trees uit terwijl ze een theedoek pakte. “Ik had het er vanmiddag nog over met Sally toen ik haar opbelde, en eerlijk gezegd denk ik dat toen ik over dat stel begon, ze zich niet eens kon herinneren over wie ik het precies had.”
Harrie lachte zachtjes achter zijn fornuis. Hij kende Jaap nog wel van vroeger, maar Carla kende hij eigenlijk alleen uit de verhalen van die heftige periode waarin het stel bijna op het punt van scheiden stond. Hij begreep Trees haar aarzeling dan ook volkomen.
“Weet je wat, Trees? Bel ze maar gewoon af,” zei Harrie vastberaden terwijl hij het vuur wat lager draaide. “Zeg maar dat we die avond Sally en Erik op bezoek krijgen en dat er zakelijk iets geregeld moet worden waar een ander verder helemaal niets mee van doen heeft. Dat is een mooi en duidelijk excuus.”
Trees knikte opgelucht. Het voelde goed om die beslissing samen te nemen, zodat de rust in hun eigen huis én de focus op De Lege Knip bewaard zou blijven.
Dat Carla zwaar teleurgesteld was door de resolute afzegging, was voor Trees totaal niet verwonderlijk. Het was weer typisch zo’n actie van iemand die nog altijd alle zaakjes het liefst in eigen hand wil houden en daarbij bar weinig rekening houdt met de planning van een ander.
“Carla, het past vanavond echt niet,” had Trees aan de telefoon gezegd om de boot af te houden. “Maar volgende week kunnen we wel een afspraak maken.”
Dat kon Trees natuurlijk wel heel vlot voorstellen, want ze had immers al van Carla zelf gehoord dat ze binnenkort voor twee weken op vakantie zouden gaan. Het antwoord van Carla was dan ook direct negatief.
“Trees, ik had volgende week wel gewild,” klaagde Carla aan de andere kant van de lijn, “maar Jaap en ik gaan veertien dagen naar Parijs.”
Trees wist precies waar ze mee bezig was en speelde het spel handig mee. “Nou Carla, dan bel je maar weer na de vakantie wanneer jullie terug zijn. Want dan valt er over Parijs vast heel veel te vertellen!”
Carla wilde aan de telefoon nog wel even verder vertellen over hun reisplannen, maar Trees was haar ditmaal een slag voor. Ze rook de heerlijke geuren uit de keuken opstijgen en kapte het gesprek kordaat af. “Carla, Harrie heeft het eten hier net klaar en dat wil ik graag warm opeten. Doe Jaap de groeten en een heel prettige vakantie gewenst. Daaag!”
Met een opgeluchte zucht legde ze de hoorn op de haak.
Harrie hoorde het verhaal hoofdschuddend aan terwijl hij zijn torenhoge koksmuts nog eens rechtzette. “Oh, die is nu natuurlijk flink gepikeerd. Wedden dat je ze nu weer een hele tijd niet in De Lege Knip zult zien?”
Trees zuchtte eens diep en zette de dampende pannen op tafel. “Nee, dat valt hopelijk wel mee, want na hun vakantie komen ze op een avond juist alles over Parijs vertellen, Harrie.”
Harrie vond dat achteraf eigenlijk geen enkel probleem. Hij schepte de borden vol en glimlachte breed. “Nou Trees, dan ben ik oprecht benieuwd wat ze in die veertien dagen allemaal van Parijs gezien hebben. Ik denk dat ik de stad zelf destijds redelijk goed heb leren kennen, en dus ben ik wel heel benieuwd waar hun specifieke interesses binnen zo’n citytrip liggen.”
Plaats een reactie