
Boven voor het raam stond een vrouw stil naar buiten te kijken. Simon knipperde een paar keer met zijn ogen. Zijn gedachten begonnen meteen te twijfelen.
De twijfel van Simon was snel voorbij toen hij een ferme klap op zijn schouder kreeg. Het was zijn buurvrouw Jopie, die hem grijnzend aankeek.
“Zo Simon, jij hier in de hoofdstraat? Of ben je in burger vandaag?”
Zijn aandacht verschoof meteen en hij lachte flauw. “Nee joh, ik heb gewoon een vrije dag. Ik was op zoek naar een boekenkast, maar bij Van Dam zijn ze me veel te duur. Eerlijk gezegd weet ik ook nog niet echt wat voor kast ik precies wil hebben.”
Jopie keek hem even heel vreemd aan, trok haar wenkbrauwen op en schoot in de lach. “Een boekenkast? Ik ben nou al zo vaak bij jou over de vloer geweest, maar ik heb bij jou nog nooit geen boeken gezien! Lees jij dan wel, Simon?”
Simon had even geen direct antwoord op haar vraag. “Nee, nou ja… ik lees wel veel, maar de laatste tijd nauwelijks boeken,” legde hij uit. “Maar bij het opruimen van mijn schuur kwam ik dozen vol met boeken tegen. Die hebben me eigenlijk wel uitgenodigd om weer te gaan lezen, maar dan moet er natuurlijk wel een nette kast voor komen.”
Jopie knikte begrijpend. Ze was altijd al nieuwsgierig hoe Simon zich als vrijgezel bedruipte, zeker met die onregelmatige politiediensten van hem. “Ben je vanavond thuis? Dan stuur ik Jaap wel even langs. Die heeft misschien wel een goed idee of een advies voor je.”
“Zoals het er nu voor staat ben ik vanavond wel thuis,” antwoordde Simon. “En anders merkt Jaap het vanzelf wel.”
Met een stevige klap op zijn schouder nam Jopie net zo dynamisch afscheid als ze gekomen was en vervolgde haar weg door de winkelstraat.
Simon keek weer naar de overkant van de straat. Brenda stond in de opening van de winkel, nu zonder klant, en hield hem strak in de gaten. Zodra ze zag dat Jopie verdwenen was, stapte ze de zaak uit en liep ze direct op hem af.
“Zo smeris, wie ben jij hier aan het schaduwen?” vroeg ze met een plagende glimlach.
Een lichte blos op zijn wangen verraadde dat hij even betrapt was. “Ja, tja… al heb ik vrij, als er iets opvalt, wordt de recheurser in mij toch meteen nieuwsgierig.”
Brenda had op dat moment nog niet in de gaten dat Simons blik naar de bovenverdieping was afgedwaald.
“Brenda,” zei hij op een serieuzere toon, “ik weet niet of het klopt… maar er staat iemand boven in jouw woning voor het raam te kijken.”
Brenda draaide zich om en keek omhoog. Daar, strak tegen het raam, stond de gestalte van de vrouw. Brenda slaakte een kleine zucht en keek Simon weer aan. “Simon, ik hoef het niet meer voor je stil te houden. Het is Cora. Ze stond vanmiddag ineens voor de winkel. Ik heb haar meteen naar boven gestuurd. Vanavond komt ze lang uitpraten en hoor ik eindelijk alles over wat er gebeurd is en waarom ze destijds zo halsoverkop spoorloos is verdwenen.”
Simon keek nog eens op van Brenda naar het raam boven, waar de contour van Cora zichtbaar was — de Cora over wie ze in het onderzoek en in persoonlijke gesprekken al zo vaak hadden gesproken — en liet zijn blik daarna weer op Brenda rusten. Het spoor dat de politie al die tijd zocht, bleek zich gewoon boven de kledingzaak in de hoofdstraat te bevinden.
“Simon, ik houd je wel op de hoogte,” zei Brenda, terwijl ze hem met een warme blik aankeek. “Ik kan je altijd bellen. En als ze alsnog aangifte wil doen, moet ze zichzelf maar op het bureau melden.”
Ze kon het even niet laten om hem ter afscheid aan te raken, een vluchtige hand op zijn arm, voordat ze zich omdraaide en weer terug naar de winkel van Van Olphen liep.
Simon keek nog één keer omhoog naar de bovenverdieping. Cora stond er nog steeds voor het raam. Zodra ze zag dat hij naar haar keek, stak ze haar hand op en zwaaide vriendelijk naar hem. Uit fatsoen zwaaide Simon vlug terug.
Hij haalde zijn fiets van de standaard, stapte op en reed langzaam door de drukke hoofdstraat richting huis. Terwijl hij de krioelende schooljeugd ontweek, dacht hij na over de bizarre wending van deze middag. Hij had de verdwenen hoofdrolspeler uit een groot politieonderzoek zojuist zien zwaaien vanaf een bovenwoning… en ondertussen had hij nog steeds geen flauw idee wat voor boekenkast er bij hem thuis moest komen te staan.
Thuisgekomen ging Simon meteen achter zijn laptop zitten om op internet naar boekenkasten te zoeken. Het aanbod bleek zo gigantisch dat hij al snel door de bomen het bos niet meer zag: van moderne stellingkasten tot robuuste, eiken wandmeubels.
’s Avonds, toen Jaap aanbelde, veranderde de situatie al snel. Jaap keek niet meteen naar foto’s van kasten, maar stelde eerst de pragmatische vraag waar de kast precies zou moeten komen te staan. Simon schoof wat spullen aan de kant bij de lange wand, waardoor er een vrije ruimte van zo’n anderhalve meter ontstond.
Toen hij het resultaat zag, keek hij er plots met heel andere ogen naar. “Jaap, ik begin te begrijpen wat je bedoelt,” zei Simon, terwijl hij naar het lege stuk muur staarde. “Nu lijkt het een stuk simpeler om iets te zoeken dat ook echt bij de rest van het interieur past.”
Gewapend met de opgeslagen afbeeldingen die Simon die middag al op Google had bekeken, werd het overzichtelijker om gerichter te zoeken. Jaap bladerde mee op het scherm en wees al snel een paar modellen aan waarvan hij dacht dat ze perfect in Simons woonkamer zouden staan.
De getoonde kasten waren echter allemaal splinternieuw, en de prijzen waren in de ogen van Simon nog steeds behoorlijk aan de hoge kant.
“Dan gaan we met deze modellen in ons achterhoofd eens kijken wat er op Marktplaats aangeboden wordt,” stelde Jaap praktisch voor.
Dat bleek een schot in de roos. Na een halfuur zoeken hadden ze beet op een paar kasten die precies voldeden aan het plaatje. Op advies van Jaap bracht Simon op meerdere kasten een bod uit dat knap onder de vraagprijs lag.
Binnen een kwartier kwam de eerste reactie al binnen. De verkoper liet weten het bod veel te laag te vinden. Simon stuurde daarop meteen een berichtje terug met de vraag wat de absolute minimumprijs was, om zo een eindeloos heen-en-weergebod te voorkomen.
Tussendoor kwamen er ook op de andere kasten wat reacties binnen, maar die lieten ze vooralsnog even rusten. Toen het bericht met de minimumprijs van de eerste verkoper op het scherm verscheen, gingen ze daar nog steeds niet zomaar mee akkoord. Simon deed een finaal tegenbod van 30 euro onder die minimumprijs, vergezeld van de duidelijke mededeling dat dit ook echt zijn maximale budget was.
Een halfuur later hadden ze geluk: het verlossende berichtje kwam binnen dat de verkoper akkoord ging.
De keuze voor niet alleen déze kast, maar ook voor de plek waar hij gehaald moest worden, was in wezen de verdienste van Jaap geweest. De verkoper woonde op amper twaalf kilometer afstand. En aangezien Simon de eerstkomende dagen geen vrij had, bood Jaap meteen aan om de kast met zijn bestelbus op te halen.
“Dat heb je echt goed geregeld, Jaap,” zei Simon dankbaar. “Ik heb me nooit zo met dat Marktplaats beziggehouden, maar het is best interessant hoe dat werkt. Wil je nog wat drinken? Van al dat onderhandelen krijg je wel dorst. Een pilsje?”
Jaap sloeg het aanbod vriendelijk af. “Bedankt Simon, maar ik moet er morgen weer vroeg uit. Dat pilsje pakken we wel een keer in het weekend, als jij de volgende dag ook geen dienst hebt. Ik ga weer eens naar Jopie toe.”
Om half negen zat Simon met het idee van een aanstaande boekenkast weer alleen thuis — iets waar hij een steeds grotere hekel aan begon te krijgen. Het was bovendien nog veel te vroeg om al onder de dekens te kruipen.
In de stilte van de woonkamer kwam het beeld van die middag weer bovendrijven. Het korte, vertrouwde gesprek met Brenda in de hoofdstraat, en daarna het zwaaien van Cora voor het raam. Simon kende Cora helemaal niet, en zij hem evenmin. Toch had ze zo resoluut naar hem gezwaaid. Had Brenda op die bovenwoning soms al het een en ander over hem verteld?
Als even later de zoemer van zijn telefoon gaat, ziet hij een berichtje van Brenda op zijn scherm oplichten:
‘Wanneer je wilt kennismaken met Cora, vinden we het heel leuk dat je nog even langskomt.’
Simon staarde even naar het oplichtende display. De stilte in zijn huis, die hem net nog zo benauwde, leek in één klap te verdwijnen. Zijn politieradar begon meteen op volle toeren te draaien, maar tegelijkertijd voelde hij een oprechte nieuwsgierigheid. Dit was de vrouw waar het hele dossier om draaide, de sleutel tot het netwerk rond Piedro en Stichting Dakloos. En nu zat ze gewoon boven de kledingzaak in de hoofdstraat aan de koffie.
Hij gripte zijn sleutels van tafel, trok zijn jas aan en stapte weer op de fiets, terug de avond in.
Plaats een reactie