De dag zonder einde


Dat de dagen soms lang konden zijn, bleek deze woensdag. Ze waren net van het wandelpad op de weg naar het hotel waar ze geluncht hadden. Bote stelde voor om weer naar binnen te gaan omdat hij dorst had gekregen.

”Cora, wat krijg ik daar een dorst van,” zei hij. Ze keek hem aan met een blik van: wat bedoel je precies? ”Van die kus of van de wandeling?” Hij zag haar aan en lachte om de vraag. ”Zeker weten van allebei.”

Binnen liepen ze langs de ober, die hen vriendelijk begroette en vroeg of ze genoten hadden van de omgeving. ”Beste man,” zei Bote, ”het is dat ik de heuvels mis, maar anders waanden we ons in het buitenland.”

”Wilde u nog wat drinken?” vroeg de ober. ”Cora, zeg het maar.”

Ze keek Bote aan. ”Ik heb wel zin in een glas droge witte wijn.”

Bote legde zijn hand op haar schouder en bestelde voor zichzelf een glas alcoholvrij bier, waarbij hij zelfs nog uit een aantal merken kon kiezen.

De plaats waar ze eerder hadden gezeten was bezet, maar iets verderop zag Cora in een hoekje bij het raam een tafeltje vrij. ”Kom, daar met het uitzicht op de vijver en de fontein.”

Hij volgde haar en merkte op dat zij zich niet zomaar liet leiden, maar zelf initiatief nam — iets wat hij aan haar waardeerde. Toen de drankjes werden geserveerd, leunde Bote naar voren. ”Cora, ik weet niet wat voor plannen jij verder vandaag had, maar ik hoef nog lang niet naar huis.”

Ze bleef hem even aankijken, terwijl de zachte schittering van de fontein op de achtergrond weerkaatste in het glas. ”Bote, deze dag was helemaal voor jou en al wordt het middernacht, dat is geen probleem. Alleen lijkt het me wel verstandig om het spannend te houden en niet te hard van stapel te lopen.”

”Cora, daar heb je ook gelijk in,” knikte Bote oprecht. ”Want voor we elkaar goed kennen, zullen we nog wel wat tijd moeten gaan investeren. Maar hoe wil je dat we nu verder gaan?”

“Het lijkt me goed om de weekends bij elkaar te zijn, alleen dan zal dat wel bij jou moeten zijn, ik kan Brenda moeilijk haar eigen woning uitsturen, maar zodra ik een woning heb zie ik er na uit om je te ontvangen, maar we kunnen altijd even uitvliegen , als je daar zin in hebt”

Bote knikte langzaam en een glimlach krulde zijn mondhoeken. “Dat klinkt als een heel verstandig én aantrekkelijk plan,” zei hij, terwijl hij een slok van zijn alcoholvrije bier nam. “Mijn huis heeft ruimte zat, dus wat dat betreft ben je meer dan welkom. En dat uitvliegen… daar ga ik je absoluut aan houden. Een lang weekend weg klinkt mij als muziek in de oren.”

Hij pakte zijn glas weer vast, leunde achterover in de comfortabele stoel en keek haar met een open, bewonderende blik aan.

“Een eigen woning dus,” ging Bote verder op een geïnteresseerde toon. “Ben je al lang op zoek hier in de buurt? De woningmarkt is een drama tegenwoordig, maar misschien kan ik mijn netwerk eens voor je laten spitten. Wie weet levert dat sneller iets op dan de geijkte wegen.”

Cora nam een klein slokje van haar droge witte wijn en keek hem over de rand van het glas aan. Ze voelde de spanning onder de oppervlakte: hij bood haar zojuist een opening aan naar zijn netwerk — precies het netwerk waar zij en de groep zo nieuwsgierig naar waren.

“Nou, dat zou natuurlijk fantastisch zijn,” antwoordde ze rustig en zonder teveel enthousiasme te tonen. “Ik zoek iets met een beetje karakter, niet zo’n kille nieuwbouw doos. Maar ik wil je niet meteen met mijn huizenjacht belasten, Bote.”

“Belasten?” Bote lachte en legde zijn hand even kort over de hare op tafel. “Cora, het is geen enkele moeite. Zie het als de eerste investering in onze tijd samen. En bovendien…” Hij knipte kort met zijn ogen. “…ken ik toevallig heel wat mensen in het vastgoed en bij de gemeente.

Cora trok haar hand langzaam terug, sloeg haar armen losjes over elkaar en liet hem een paar verbaasde ogen zien. “Dus… jij kent de directeur van de woningbouwvereniging ook?”

Zonder ook maar een spoor van argwaan keek hij haar aan.

“En hoe heet die man?” vroeg hij scherp. “Bote, ik heb je vanmorgen verteld over mijn gesprek met de heer Haagh, maar toen reageerde je heel anders.”

“Cora, ik heb niet gezegd dat ik hem niet kende,” verweerde Bote zich rustig, terwijl hij met een klein gebaar zijn glas opzij schoof. “Ik heb alleen gezegd dat er ook opnamen waren gemaakt die geïnteresseerden konden bekijken.”

Met een paar felle ogen reageerde ze strak: “Maar je kent hem dus wél?”

Even bleef hij stil. De stilte aan het tafeltje bij het raam hield een paar tellen aan, terwijl buiten de fontein in de vijver kalm doordraaide. Bote zuchtte licht en leunde iets naar voren.

“Cora, ik moet je bekennen… ik heb hem gebeld,” zei hij, en zijn stem klonk opvallend zacht en bijna verontschuldigend. “Omdat ik meer van je wilde weten. En ja, dat is de reden dat hij contact met je opgenomen heeft.”

Cora voelde haar hart een slag overslaan. Ze hield haar gezicht strak in de plooi, maar vanbinnen rammelden al de alarmbellen. Bote had haar niet zomaar laten opbellen door Haagh om haar aan een woning te helpen — hij had achter de schermen aan de touwtjes getrokken om uit te zoeken wie zij precies was.

“Je hebt hem gebeld…” herhaalde Cora langzaam, terwijl ze haar blik strak op de zijne gericht hield. “Om meer over mij te weten te komen, leuk is dat”. “Cora, ik wil het je graag uitleggen, ik heb de laatste jaren een paar keer een dat gehad. Ik zoek een serieuze relatie waar van te voren al geen risico’s bestaan. Via het net werk wist ik dat je daar in de gemeente woonde en heb hem gebeld. Hij kende je niet, althans hij wist niet dat je bij hen ingeschreven stond. Toen we het over Groningen hadden, vertelde hij dat hij op het laatste moment verhinderd was. Ik hem toen geadviseerd om de video-opnamen te bekijken en verder heb ik hem niet meer gesproken. Maar het punt, blijft ik ga voor zekerheid”

Cora leunde naar achteren in haar stoel, pakte haar glas witte wijn en nam een klein slokje om haar reactie te vormen. Haar ogen lieten hem niet los.

“Een risico-analyse, dus,” zei ze op een onderkoelde, bijna laconieke toon. “Aangenaam. Ik dacht dat we een wandeling maakten en elkaar leerden kennen, maar ondertussen voer je een antecedentenonderzoek uit via de directeur van de woningbouwvereniging.”

Bote keek niet eens schuldbewust, eerder pragmatisch. Hij schoof zijn stoel een paar centimeter korter bij de tafel. “Cora, zie het als zelfbescherming. In de zakenwereld doe je je huiswerk voor je ergens in stapt. Waarom zou ik in de liefde minder zorgvuldig zijn? Ik wilde gewoon weten wie ik tegenover me had zitten. Toen bleek dat Haagh je niet direct kende, maar wel de beelden van die vergadering in Groningen kon inzien, viel voor mij alles op z’n plek. Je bent gedreven, je hebt inhoud én je durft je mond open te doen. Dat risico bleek juist een schot in de roos.”

“Dat is wel heel erg rooskleurig verpakt, Bote,” zei Cora, al liet ze de scherpte in haar stem bewust iets verzachten. De kunst was immers om hem niet af te schrikken, maar hem juist het gevoel te geven dat zijn directe manier van doen indruk op haar maakte. “Andere vrouwen zouden waarschijnlijk meteen hun tas pakken als ze horen dat een man achter hun rug om informatie inwint.”

“Maar jij bent niet ‘andere vrouwen’,” glimlachte Bote zelfverzekerd. “Jij bent verstandig genoeg om te begrijpen waar het vandaan komt. Ik speel nu open kaart met je. Geen geheimen, geen verassingen achteraf. Zo bouw je zekerheid op.”

Cora keek uit het raam naar de fontein op de vijver en liet een korte stilte vallen. Geen geheimen, dacht ze bij zichzelf. En ondertussen weet je niet half hoeveel ik al van jou weet.

Ze keek hem weer aan en liet een flauw glimlachje toe. “Goed. Je kaart ligt op tafel, Bote. Maar als we zo beginnen, verwacht ik wel dat je de volgende keer gewoon moeite doet en het me rechtstreeks vraagt.”

Bote leunde lichtjes achterover, pakte zijn glas alcoholvrij bier op en liet een tevreden, bijna triomfelijk lachje zien. Het was precies het antwoord waar hij op gehoopt had: een vrouw die zich niet snel van het stuk liet brengen, maar krachtig en volwassen tegenspel bood.

“Dat is een deal,” zei Bote met een welwillende knik. “Eerlijk en rechtstreeks. Daar hou ik van.”

Hij zette zijn glas neer en legde zijn onderarmen op tafel, terwijl hij Cora met een doordringende blik bekeek.

“Kijk, Cora, de meeste mensen schrikken terug van een man die de regie neemt en zijn netwerk gebruikt. Maar jij begrijpt dat efficiëntie en zekerheid niets te maken hebben met slechte bedoelingen. Het laat mij alleen maar zien dat ik de juiste inschatting heb gemaakt.”

Hij leunde iets verder naar voren en zijn stem kreeg een intiemere, zachtere klank.

“En wat die woning betreft… nu ik weet dat je serieus zoekt, laat ik de heer Haagh niet alleen maar naar filmpjes kijken. Ik ga persoonlijk zorgen dat jouw dossier bovenop de stapel komt te liggen bij de woningbouw. Zie het maar als een klein gebaar om goed te maken dat ik achter je rug om informaties heb ingewonnen.”

Hij pikte haar blik op en glimlachte zelfverzekerd. “Dus vertel me eens… aan wat voor buurt zat je precies te denken?”

“Bote, ik ben qua niet aan hier gebonden, dat ik nu wel in deze omgeving ben wil niets zeggen. Nog niet zolang geleden  heb ik je verteld dat ik toch in Groningen heb gewoond en daar ook mijn werk hebben kunnen doen. Ik weet niet hoelang wij nodig hebben om elkaar echt te leren kennen , maar als dat niet lang zou duren hoef ik niet meer te zoeken als ik bij jouw in zou trekken, denk ik even ruimdenkend”

Bote keek haar een seconde lang sprakeloos aan, waarna zijn gezicht opklaarde in een brede, verruimde glimlach. Het pragmatische en directe van haar opmerking raakte hem zichtbaar aan de goede kant. Hij pakte zijn glas, zette het weer neer zonder te drinken en leunde over de tafel.

“Ruimdenkend, ja… maar verdomde praktisch,” zei hij, terwijl een geamuseerde glinstering in zijn ogen verscheen. “Dat mag ik wel aan je, Cora. Geen doelloos gedraai om de hete brij heen.”

Hij wreef even over zijn kin en keek haar met hernieuwde interesse aan.

“Je hebt gelijk,” vervolgde hij op een rustigere, bijna peinzende toon. “Waarom energie steken in een zoektocht naar een tussenoplossing als we de dingen ook gewoon op hun loop kunnen laten gaan? Mijn huis in Utrecht is ruim genoeg. En als jij niet strak aan deze regio gebonden bent, opent dat mogelijkheden waar ik van tevoren niet eens op had durven hopen.”

Hij reikte over het tafeltje en legde zijn hand stevig en warm op de hare. “Wat gaan we doen Cora? Het begint al te schemeren, blijven we hier eten of breken we af?”

Van afbreken had Cora nog geen oren naar. “Weet je Bote, ik krijg honger… vreselijke honger.”

Bote bleef haar intussen afwachtend glimlachend aankijken, met zijn hand nog altijd op de hare. Er gleed een steelse, betekenisvolle blik over zijn gezicht.

Cora keek naar zijn reactie en voelde een lichte twijfel opkomen. Ze kon niet direct ontdekken of hij haar nou echt begreep, want wat ze net over die ‘vreselijke honger’ had gezegd, vond ze achteraf ook wel voor verschillende uitleg vatbaar. Had hij het puur opgevat als een verlangen naar een goed bord eten in de eetzaal? Of dacht hij dat ze doelde op een heel ander soort honger — een fysieke honger naar hem? Bedoelde hij met die doordringende blik dat hij haar zo snel mogelijk mee wilde nemen om de controle over haar te krijgen, of zag hij haar gewoon als een uitdagende, gelijkwaardige partner die het spel durfde mee te spelen?

Om de opgetreden spanning wat te ontladen, antwoordde ze op zijn eerdere vraag.

“Mijn weekenden zijn in principe flexibel, Bote,” zei ze met een neutrale glimlach, terwijl ze haar hand subtiel terugtrok om haar glas op te pakken. “Maar laten we niet té ver op de muziek vooruitlopen. Een weekendje proefdraaien in Utrecht of ergens halverwege is heel wat anders dan meteen je koffers pakken.”

“Natuurlijk,” zei Bote soepel, al ontging de kleine afstand die ze nam hem niet. Hij leunde weer wat achterover en wenkte met een klein gebaar de ober. “Eén stap tegelijk. Dus, welk weekend schikt het je om mijn kant op te komen?”

“Heb je dit weekend ruimte voor mij, want dan kom ik zaterdagmorgen naar utrecht toe”. Bote schudde zijn hoofd “Waarom vrijdagavond niet of zelfs ‘s middags”.Met haar ragende ogen reageert ze “Waarom?” Bote wist in de stad een klein intiem restaurantje, waar hij graag met haar naar toe wilde. “Lieve Cora, ik zou je vrijdagavond graag gaan introduceren in het centrum van onze Domstad. Er zijn veel mensen die regelmatig in Utrecht komen, maar het echte utrecht niet kennen. Je zult vast versteld staan”.

Cora liet de woorden even op zich inwerken en nam een bedachtzaam slokje van haar wijn. Bote speelde het spel slim: door haar al op vrijdag naar Utrecht te halen, trok hij het initiatief naar zich toe én kreeg hij haar op zijn eigen terrein.

“Vrijdag dus,” zei ze met een licht spottend glimlachje. “Je laat er werkelijk geen gras over groeien, Bote.”

“Waarom wachten als de gelegenheid zich voordoet?” antwoordde Bote soepel, terwijl hij haar tevreden aankeek. “Als je er vrijdagmiddag al bent, kun je je eerst rustig installeren bij mij thuis. En dan neem ik je ’s avonds mee naar die bijzondere plek in de stad.”

Cora knikte langzaam. De stap van toevallige ontmoetingen naar een heel weekend in zijn woning in Utrecht ging sneller dan voorzien. Maar het bood haar ook precies de toegang tot zijn privéleven waar ze op gehoopt had.

“Afgesproken,” zei ze rustig. “Vrijdagmiddag ben ik in Utrecht. Maar bereid je voor, Bote: ik laat me niet zomaar door elke stadsgids inpakken.”

Bote lachte hartelijk. “Dat zou ik niet durven hopen, Cora. Juist niet bij jou.”


Ontdek meer van Mijn korte verhalen

Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.

Reacties op “De dag zonder einde”

  1. Karel Avatar

    mogge Willem
    ik ben van recht voor de raap , dus dat achterbakse gedoe dat die Bote deed staat me gelijk tegen , terecht of niet , ik mag hem niet

    geniet de dag

    Geliked door 1 persoon

    1. wzijlstra10 Avatar

      Beste Karel, wat hoor ik nu. wat heeft die beste man nu in jouw ogen gedaan?

      Geliked door 1 persoon

      1. Karel Avatar

        zijn macht uitgeoefend op anderen om iets over Cora te weten te komen
        dus er is in mijn ogen bij hem niks meer spontaan
        natuurlijk kan ik het mis hebben , maar iemand die zo te werk gaat en z’n werk gebruikt voor andermans privé te onderzoeken mag ik bij voorbaat al niet

        Geliked door 1 persoon

      2. wzijlstra10 Avatar
        wzijlstra10

        Antwoord is duidelijk!

        Geliked door 1 persoon

  2. Rianne Avatar

    Ben benieuwd of er toch nog addertjes onder het gras vandaan komen. De tijd zal het leren 🤔

    Geliked door 1 persoon

    1. wzijlstra10 Avatar

      Laat ze eerst maar eens de liefde botvieren, lijkt mij zo toe. later komen de kleine en of de grote irritaties vast nog wel.

      Geliked door 1 persoon

      1. Rianne Avatar

        Ik wacht af😃

        Like

  3. Suskeblogt Avatar

    Die Bote lijkt me geen sympathieke kerel, eerder een gladde. De tijd zal het leren voor Cora.

    Geliked door 2 people

    1. wzijlstra10 Avatar

      En ik probeer die Bote zo goed neer te zetten, maar de tijd zal het leren. Maar je weet dat verliefdheid blind maakt en dat geldt voor beiden.

      Geliked door 1 persoon

      1. Suskeblogt Avatar

        Gezien zijn “opzoekingswerk” lijkt me die Bote niet verblind is door liefde.

        Geliked door 1 persoon

  4. bertjens Avatar

    Bote is wel héél erg verstandig. Tja.
    Maar misschien is het zo’n type. Weinig romantisch, altijd op zeker spelen.

    Geliked door 1 persoon

  5. ymarleen Avatar

    Zo breekbaar als porselein, de liefde.

    Geliked door 1 persoon

  6. logbankje Avatar
    logbankje

    Nou, ik had het gewoon druk vandaag.
    Cora is wel zelfstandig geworden door ervaring.
    “Een eigen woning dus,” zei Bote, dit kriebelt bij mij.
    Informatie over Cora inwinnen, klinkt al wantrouwen.
    En nu slijmen met haar, jaja.

    Geliked door 1 persoon

Geef een reactie

Ontdek meer van Mijn korte verhalen

Abonneer je nu om meer te lezen en toegang te krijgen tot het volledige archief.

Lees verder