
Bote liep langzaam door de gang en liet het deurtje van de kapstok zachtjes dichtvallen. Stilte. De klok in de kamer tikte gestaag, een geluid dat hij tot voor kort nooit bewust had gehoord, maar dat nu bijna hol klonk. Onwillekeurig dwaalde zijn blik af naar de eettafel waar ze een paar uur geleden nog samen aten, en naar de bank waar ze elkaar zo vast hadden gehouden.
Hij liep naar de keuken, pakte een glas water en leunde tegen het aanrecht. Wat is er toch gebeurd deze weken? dacht hij hoofdschuddend, met een lichte, bijna ongelovige glimlach rond zijn lippen. Waarom overkomt mij dit nu pas en niet jaren eerder?
Hij dacht terug aan die schaarse keren dat hij zich in het verleden tot een date had laten overhalen. Het was altijd stroef geweest. Een beleefd gesprek, wat afgemeten lachjes, en na afloop die heimelijke opluchting wanneer hij de voordeur achter zich dicht kon trekken en het rijk weer alleen had. Maar bij Cora was alles vanaf het eerste moment anders geweest.
Toen hij haar die allereerste keer in de trein zag zitten, was het alsof er een onzichtbare magneet werd ingeschakeld die hem onweerstaanbaar naar haar toe.
Hij pakte de twee lege koffiekoppen van de salontafel en liep naar de keuken. Het was er angstvallig stil. Waar een uur geleden nog het gezellige gekletter van pannen en de vrolijke lach van Cora klonk, hoorde hij nu enkel het zachte brommen van de koelkast.
Bote leunde tegen het aanrecht en staarde uit het raam naar de schemering die over het Wilhelminapark viel. Wat had Cora wel, wat de andere vrouwen niet hadden?
Het was haar oprechtheid, bedacht hij zich. Geen gemaakte verhalen, geen spelletjes, maar een warme, directheid die hem vanaf het eerste moment op zijn gemak had gesteld. Bij de andere dates voelde hij altijd de drang om een rol te spelen, om de perfecte gastheer te zijn. Bij Cora hoefde hij alleen maar Bote te zijn. Ze vulden elkaar naadloos aan; zij bracht haar sprankelende levendigheid mee, en hij bood haar de rust en geborgenheid waar ze zo naar verlangde.
Hij liet een diepe zucht horen, maar er verscheen al snel weer een zachte glimlach op zijn gezicht. Hij pakte zijn telefoon uit zijn broekzak en tikte een berichtje:
“Het huis is stil zonder jou, Cora. Maar de geur van je parfum hangt er nog… Laat je me even weten als je veilig bent thuisgekomen? En onthoud: dinsdag duim ik voor je!”
Terwijl hij op ‘verzenden’ drukte, voelde hij dat de eenzaamheid plaatsmaakte voor een warm gevoel van verwachting. Dit was pas het begin.
In de tussentijd keek Cora naar het voorbijtrekkende landschap. De lantaarns van de kleine stationnetjes schoten als lichtstrepen voorbij. Haar telefoon trilde in haar hand; een melding van Bote. Bij het lezen van zijn berichtje voelde ze een golf van tederheid door zich heen gaan.
Ze leunde met haar hoofd tegen het raam, haar gedachten alweer bij de komende week. Dinsdag zou de uitslag komen over haar aanvraag voor het Van Hogendorpplein. Een spannend moment, maar wat er ook zou gebeuren… de gedachte aan Bote gaf haar een rotsvast vertrouwen.
Op haar telefoon tikte ze “Over een kwartier zal de trein wel binnenlopen”. Ze dacht even ‘Oost, West, Thuis best’, maar zette het er niet bij. Het was haar thuis niet, ze logeerde er alleen maar, maar was daar wel heel blij mee.
Cora stuurde haar berichtje af en keek hoe het telefoonscherm weer op zwart sprong. “Over een kwartier zal de trein wel binnenlopen.”
Ze dacht even aan die bekende uitspraak ‘Oost, West, Thuis best’, maar hield haar vingers bewust stil. Het logeeradres voelde niet meer echt als haar ‘thuis’, al was ze ontzettend dankbaar dat ze er terechtkon in deze tussenfase. Haar gedachten dwaalden af naar hoe fijn het zou zijn als ze aanstaande dinsdag groen licht zou krijgen voor het Van Hogendorpplein. Haar eigen plekje, dicht bij alles, en toch helemaal van haarzelf.
De trein minderde vaart en de vertrouwde geluiden van het station kondigden haar aankomst aan. Ze pakte haar tas, sloeg haar sjaal wat steviger om en stapte het perron op. De frisse avondlucht beet in haar gezicht, maar de tederheid van Bote’s berichtje en de herinnering aan het fijne weekend hielden haar van binnen warm. In de hal zag ze Brenda en Simon staan. Ze zwaaiden al van verre.
Cora kon een brede glimlach niet onderdrukken toen ze het vertrouwde stel op zich af zag lopen. Het voelde hartverwarmend dat ze de moeite hadden genomen om haar op te halen van het station.
“Daar is onze Utrechtse romantica!” riep Brenda uit, terwijl ze Cora stevig in haar armen sloot. “Wat fijn dat je er weer bent, mam! Hoe is het geweest?”
Simon pakte met een vriendelijke knik direct Cora’s reistas over. “Zo te zien heeft het je goed gedaan,” zei hij met een knipoog. “Je straalt helemaal.”
“Het was geweldig,” gaf Cora toe terwijl ze samen richting de uitgang van de stationshal wandelden. “Echt… ik kan het bijna niet beschrijven. Bote heeft me ontzettend verwend, en Utrecht is prachtig zo samen.”
“Nou, vertel ons alles,” zei Brenda nieuwsgierig, terwijl ze haar arm door die van Cora sloeg. “In de auto op weg naar huis heb je alle tijd. En Simon wil vast ook wel horen wat voor culinaire hoogstandjes die Bote van jou op tafel heeft getoverd!”
Cora lachte zachtjes en voelde hoe het warme gevoel van het weekend naadloos meereisde, zelfs nu ze weer terug was op Brabantse bodem. Thuis was het eerste wat ze deed een app naar Bote” Veilig aangekomen op het logeeradres! Het was een fantastisch weekend, Bote. Ik mis je nu al een beetje. Slaap lekker straks en we spreken elkaar snel!”
De avond werd ondanks het tijdstip vol van lange verhalen en niet alleen het weekend van Cora. Brenda en Simon hadden vanwege haar afwezigheid gebruik gemaakt van de faciliteiten in de bovenwoning zonder Cora. Zaterdag waren ze samen naar Antwerpen gereden en hadden bijna alle dameskleding zaken langs geweest om daar de nieuwe collecties te bewonderen, maar Brenda vond dat ze daar bij van Olphen niet voor onder deden.
Het was op de terrassen geweldig geweest. Met een stel uit Goirle hadden ze een heel gesprek gehad over de brandstofprijzen. Het verschil van 0,30-0,35 euro was voor de man die maar zo’n 5 kilometer van de dichtstbijzijnde tankstation afwoonde geen keus en dus reed hij elke week naar Belgie om te tanken. Simon reed te weinig kilometers in zijn karretje om daar echt profijt van te hebben. Buiten dat was de afstand ruim 40 kilometer rijden.
Cora luisterde met een glimlach naar de verhalen van Brenda en Simon. Het was typisch Brenda om zo’n winkelsessie in Antwerpen te vergelijken met hun vertrouwde Van Olphen.
“Nou, dan weet je tenminste zeker dat je voor de mooiste mode niet eens de grens over hoeft,” merkte Cora op met een knipoog, terwijl Simon nog even doorging over het rekensommetje van de brandstofprijzen. Een verschil van ruim dertig cent per liter was natuurlijk prachtig voor die mensen uit Goirle, maar voor Simon maakte die tachtig kilometer heen en terug het voordeel inderdaad weer ruimschoots ongedaan.
Met een plaagzieke glimlach had Brenda Simon die avond uitgezwaaid toen hij zuchtend – maar met een knipoog – zijn spullen bij elkaar raapte. “Vooruit dan maar,” had hij gelachen, “ik weet wanneer ik plaats moet maken voor de dames!” Het was weer ouderwets gezellig met z’n tweeën in de woning, precies zoals vanouds. Cora sliep die nacht heerlijk, gesterkt door het fijne weekend in Utrecht en de warme ontvangst terug in Brabant.
Geef een reactie